Publiekrechtelijk
- Publiekrechtelijk
Vervoerregio Amsterdam
(Bedragen x €1.000)Vervoerregio AmsterdamRechtsvorm:Gemeenschappelijke regeling - openbaar lichaam
Oprichtings-/publicatiedatum:7 maart 2017Vestigingsplaats:AmsterdamToezichtsregime:middelOpenbaar belangDe Vervoerregio Amsterdam heeft als doel het, door samenwerking van gemeenten, oplossen van regionale problemen en benutten van regionale kansen in de regio Amsterdam.
Bestuurlijk belangWethouder Doeves-de Boer is lid van het AB
De wethouder van Amsterdam is voorzitter van het DB en tevens voorzitter van de Regioraad
Stemverhouding: 11,3%Actualiteiten en risico'sInleiding
De Vervoerregio Amsterdam is een samenwerkingsverband van veertien gemeenten, waaronder Zaanstad. De organisatie zorgt voor een goed bereikbaar en leefbaar gebied door het openbaar vervoer (bus, tram en metro) aan te sturen en te investeren in regionale infrastructuur voor fiets (zoals doorfietsroutes), auto en openbaar vervoer. Daarnaast behartigt zij de gezamenlijke mobiliteitsbelangen van de deelnemende gemeenten. Verder is de VRA als concessieverlener verantwoordelijk voor het openbaar vervoer in de regio en stelt de kaders en prestatie-eisen vast waaraan vervoerders moeten voldoen. Op basis van deze concessievoorwaarden werkt de vervoerder, in Zaanstreek-Waterland EBS, jaarlijks de vervoerplannen uit. In het concept Vervoerplan 2027 van EBS is o.a. een buslijn naar Het Eiland opgenomen.
Ontwikkelingen
Bezuinigingen Rijk
Vooralsnog heeft de Vervoerregio kunnen voorkomen dat er grote bezuinigingen op het regionale OV zijn doorgevoerd. Mede dankzij eerdere extra rijksmiddelen uit de motie-Bikker kon het ov-aanbod grotendeels op peil blijven en kon worden geïnvesteerd in kwaliteit, verkeersveiligheid en bereikbaarheid.
Tegelijkertijd blijft de Vervoerregio aangeven dat de financiële situatie na 2026 kwetsbaar is en dat structurele zekerheid vanuit het Rijk nodig blijft om het huidige voorzieningenniveau in stand te houden. Vanuit de VRA loopt bij het Rijk de lobby om deze bezuinigingen te voorkomen.
Motie Bikker
Dankzij de middelen uit de motie-Bikker kan de Vervoerregio Amsterdam investeren in beter en toegankelijker openbaar vervoer. Een belangrijke concrete uitkomst is dat kinderen van 4 tot en met 11 jaar vanaf 2027 gratis kunnen reizen in bus, tram en metro binnen de gehele Vervoerregio Amsterdam. Hier staat tegenover dat de landelijke 65-pluskorting van 34% wordt afgeschaft. Per saldo betreft dit daarmee een verschuiving van OV-ondersteuning van ouderen naar gezinnen met kinderen. De Vervoerregio onderzoekt nog mogelijkheden voor een regionale kortingsregeling voor ouderen.
Momenteel wordt de definitieve aanvraag voor Bikker gelden vanuit Zaanstad afgerond, hierin zit o.a. het verbeteren van de bushaltes Station Zaandam en De Vlinder.
Problemen EBS
De dienstuitvoering van EBS in de concessie Zaanstreek-Waterland is in 2026 verder verbeterd. De rituitval is teruggebracht tot onder de door de Vervoerregio gestelde norm, waardoor delen van de dienstregeling weer konden worden uitgebreid. De Vervoerregio blijft de prestaties van EBS monitoren. Daarnaast wordt het aan EBS opgelegde boetegeld ingezet voor projecten die de kwaliteit van het openbaar vervoer in de regio verbeteren.
Regionaal Deelmobiliteitssysteem
De Vervoerregio Amsterdam werkt aan één regionaal systeem voor deelfietsen en deelscooters. Hiermee moeten inwoners zich eenvoudiger over gemeentegrenzen kunnen verplaatsen en wordt deelmobiliteit beter verbonden met het openbaar vervoer. Momenteel wordt er nog het een en anders achter de schermen in orde gemaakt, zodat de komende jaren het systeem fysiek in de regio kan worden uitgerold. Er is hierin speciale aandacht voor de bereikbaarheid van zowel stedelijke als minder stedelijke gebieden.
Monitor Sociale Veiligheid
Sociale veiligheid is een belangrijk aandachtspunt binnen de Vervoerregio Amsterdam. Met behulp van de Monitor Sociale Veiligheid is inzicht verkregen in de veiligheidsbeleving van reizigers en medewerkers, evenals in incidenten en overlast in het openbaar vervoer. De sociale veiligheid van haltes wordt in Zaanstreek-Waterland het laagst beoordeeld van de drie VRA regio's (naast Zaanstreek-Waterland ook Amsterdam en Amstelland-Meerlanden). De resultaten worden gebruikt om maatregelen te ontwikkelen en de effectiviteit van bestaande acties te volgen. Ook de inzet van extra middelen, zoals de Bikkergelden, wordt hierbij meegenomen.
Risicoprofiel
Er is sprake van profiel middel.
Financiële positie
Jaarrekening 2025
De Vervoerregio Amsterdam heeft 2025 afgesloten met een positief financieel resultaat. Het overschot is voornamelijk ontstaan doordat een deel van de geplande investeringen en projecten later is uitgevoerd dan voorzien. Hierdoor zijn middelen doorgeschoven naar volgende jaren.
De financiële positie van de Vervoerregio blijft stabiel. De organisatie wordt grotendeels gefinancierd vanuit de Brede Doeluitkering (BDU) van het Rijk en aanvullende specifieke uitkeringen.
Tegelijkertijd blijven er financiële onzekerheden, onder meer door stijgende kosten, personeelstekorten en vertragingen bij de uitvoering van mobiliteitsprojecten en infrastructuurwerken.
Het positieve resultaat leidt daarom niet direct tot extra vrije bestedingsruimte, maar hangt vooral samen met het doorschuiven van uitgaven naar latere jaren voor reeds geplande projecten.
Rechtmatigheidsverantwoording
Uit de rechtmatigheidsverantwoording in de Jaarstukken 2025 blijkt dat de Vervoerregio Amsterdam haar financiële transacties overwegend volgens de geldende regels heeft uitgevoerd. Er zijn geen afwijkingen gemeld die boven de vastgestelde verantwoordingsgrens uitkomen.
Begroting 2027-2030
Voor Zaanstad blijft de Vervoerregio een belangrijke partner bij de verbetering van de bereikbaarheid van de stad, de ontwikkeling van hoogwaardige openbaarvervoerverbindingen en de ondersteuning van fiets- en verkeersveiligheidsprojecten die bijdragen aan de groei van woningen en werkgelegenheid.
Het gaat om o.a. de volgende ontwikkelingen:
- Uitvoering nieuw Mobiliteitsprogramma 2027-2035.
- Blijvende investeringen in openbaar vervoer, fiets en verkeersveiligheid.
- Koppeling van mobiliteitsinvesteringen aan woningbouwopgaven in de regio.
- Aandacht voor sociale veiligheid en kwaliteit van het openbaar vervoer.
- Financiële onzekerheden vanuit het Rijk blijven een aandachtspunt voor de komende jaren.
Voor gemeente Zaanstad zijn met name de volgende projecten belangrijk:
- Verbetering van de OV-bereikbaarheid van Zaandam en de ZaanIJ-corridor.
De Vervoerregio blijft investeren in hoogwaardige OV-verbindingen tussen Zaanstad, Amsterdam en Schiphol. Dit is belangrijk voor de bereikbaarheid van inwoners, werknemers en bezoekers en helpt de groeiende mobiliteitsvraag als gevolg van verstedelijking, verdichting en woningbouw in de regio op te vangen.
- Woningbouw en mobiliteit.
De Vervoerregio koppelt investeringen in mobiliteit nadrukkelijk aan de grote woningbouwopgaven in de regio. Voor Zaanstad is dit relevant vanwege de ontwikkelingen in onder meer Zaandam Oost, Achtersluispolder, Hembrugterrein en andere binnenstedelijke verdichtingslocaties.
- Regionale fietsroutes.
Verdere investeringen in comfortabele en veilige doorfietsroutes moeten de verbindingen tussen Zaanstad, Amsterdam en omliggende gemeenten verbeteren.
- OV-concessie Zaanstreek-Waterland (EBS).
De prestaties en betrouwbaarheid van de busverbindingen in de regio blijven een belangrijk aandachtspunt. De Vervoerregio houdt toezicht op de concessie en werkt aan kwaliteitsverbeteringen
Risico's en beheersmaatregelen
- OV-schaalsprong
De Vervoerregio investeert de komende jaren in grote OV-projecten, zoals de verlenging van de Noord/Zuidlijn naar Haarlemmermeer en verbeteringen op de verbinding tussen Sloterdijk en Amsterdam Centrum. Deze investeringen zijn nodig om de groei van woningen, werkgelegenheid en onderwijslocaties in de regio bereikbaar te houden. Tegelijkertijd zijn deze projecten afhankelijk van blijvende steun van het Rijk. Vertraging of uitstel kan gevolgen hebben voor andere belangrijke bereikbaarheidsprojecten in de regio.
- Klimaat
De Vervoerregio houdt bij nieuwe projecten en contracten steeds meer rekening met de gevolgen van klimaatverandering. Extreem weer, zoals hevige regenval, hitte en droogte, kan gevolgen hebben voor de betrouwbaarheid van de OV-infrastructuur, bijvoorbeeld bij tunnels en metrotrajecten. Daarom worden klimaatrisico’s en de bijbehorende kosten nadrukkelijk meegenomen in toekomstige investeringen en grote OV-projecten.
- Risicodragend opdrachtgeverschap
De Vervoerregio heeft sinds 2022 een grotere verantwoordelijkheid gekregen voor het beheer en de ontwikkeling van het openbaar vervoersysteem. Samen met GVB wordt gewerkt aan een beter inzicht in onderhoud, vervangingsopgaven, prestaties en risico’s van de railinfrastructuur. Het verder professionaliseren van het opdrachtgeverschap is daarbij een belangrijk speerpunt voor de komende jaren.
- Transitie naar elektrische bussen
De Vervoerregio zet de laatste stappen in de transitie naar elektrisch vervoer. Dit gaat met name om investeringen in elektrische bussen en laadinfrastructuur. Dit draagt bij aan de doelstelling om vanaf 2025 een volledig elektrische busvloot te hebben. Onzekerheid in de levering van onderdelen in de keten zorgt voor vertraging en/of afstel van deze plannen.
- Inbestedingen (GVB)
De Vervoerregio werkt aan een nieuwe, rechtstreeks aan GVB gegunde concessie voor het Amsterdamse openbaar vervoer. Omdat het opstellen van een langjarige concessie complex is, is de huidige concessie tijdelijk verlengd. GVB heeft een verbeterd voorstel ingediend, waarna de Vervoerregio en GVB intensief samenwerken om risico's te beheersen en de concessie goed voor te bereiden. Hierdoor neemt de kans op een succesvolle uitvoering toe.
- AMRI: kunstwerken
Dit zijn afspraken tussen de GVB en de VRA over bouwwerken in het verkeer, zoals het metro- en tramnetwerk.
Voor het metro- en tramnetwerk bestaat een financieel risico rond toekomstig groot onderhoud aan kunstwerken, zoals bruggen, viaducten en fly-overs. Hoewel op korte termijn geen grootschalig onderhoud is voorzien, kunnen de kosten hiervan aanzienlijk zijn. Daarnaast loopt nog een traject om de verantwoordelijkheden voor beheer en onderhoud tussen de gemeente Amsterdam en de Vervoerregio verder af te bakenen. De gemeente Amsterdam blijft verantwoordelijk voor de bekostiging van het beheer en onderhoud van onderdelen die buiten de Wet lokaal spoor vallen, waaronder metrostations..
- Stabiliteit & slagkracht vervoerbedrijven
De Vervoerregio blijft voor een goed functionerend openbaar vervoer afhankelijk van de prestaties van de vervoerders. De aanhoudende problemen bij EBS in Zaanstreek-Waterland, zoals rituitval en personeelstekorten, laten zien dat de continuïteit en kwaliteit van het vervoer onder druk kunnen staan. Daarnaast werkt de Vervoerregio aan een nieuwe concessie voor GVB. Om voldoende zekerheid te bieden voor de dienstverlening is de huidige concessie tijdelijk verlengd, terwijl wordt gewerkt aan een toekomstbestendige overeenkomst
- Publiekrechtelijk
Centraal Nautisch Beheer
(Bedragen x €1.000)Centraal Nautisch BeheerRechtsvorm:Gemeenschappelijke regeling - bedrijfsvoeringsorganisatie
Oprichtings-/publicatiedatum:18-03-1994Vestigingsplaats:AmsterdamToezichtsregime:middelOpenbaar belangHet Centraal Nautisch Beheer (CNB) heeft als doel het verkrijgen van eenheid in het beleid en de uitvoering van taken van gemeenten en het rijk die betrekking hebben op het scheepvaartverkeer binnen het Noordzeekanaalgebied. De regeling is ook bedoeld om een bijdrage te leveren aan het verbeteren van infrastructurele voorzieningen en de toegankelijkheid van de vaarweg.
Bestuurlijk belangWethouder Doeves-de Boer is lid van het bestuur, plaatsvervanger wethouder Onclin.
Stemverhouding: 15%Actualiteiten en risico'sInleiding
Het Centraal Nautisch Beheer (CNB) is een gemeenschappelijke regeling van de gemeenten Amsterdam, Zaanstad, Velsen en Beverwijk. Het CNB zorgt voor een veilige, vlotte en duurzame afwikkeling van het scheepvaartverkeer in het Noordzeekanaalgebied, waaronder de vaarwegen, sluizen en havens in de regio.
De uitvoering van deze taken is ondergebracht bij de Divisie Havenmeester van Port of Amsterdam. Deze organisatie begeleidt en coördineert het scheepvaartverkeer, houdt toezicht op de naleving van nautische regels en draagt bij aan de bereikbaarheid en veiligheid van een van de belangrijkste haven- en industriegebieden van Nederland. De Divisie Havenmeester (DHM) is een onderdeel van Port of Amsterdam en voert de nautische taken uit namens het CNB, het Rijk en de gemeente Amsterdam.
De directeur van het CNB is tevens het hoofd van de Divisie Havenmeester, waardoor er een sterke organisatorische koppeling bestaat.
Ontwikkelingen
Een belangrijke ontwikkeling is de uitbreiding van de verkeersbegeleiding op het Noordzeekanaalgebied van drie naar vier VTS (Vessel Traffic Service) -sectoren, waardoor het scheepvaartverkeer efficiënter en veiliger kan worden begeleid. De samenwerking tussen de havengemeenten Amsterdam, Zaanstad, Velsen en Beverwijk wordt voortgezet, waarbij de uitvoering plaatsvindt door de Divisie Havenmeester van Port of Amsterdam.
Begroting 2027
In de begroting staat dat de komende jaren de nadruk zal liggen op:
• verdere digitalisering van de scheepvaartafhandeling;
• verbetering van de bereikbaarheid van de haven en het sluizencomplex;
• versterking van de nautische veiligheid via een nieuwe datagedreven veiligheidsmonitor;
• vergroting van de weerbaarheid tegen onder andere criminaliteit en uitval van vitale infrastructuur;
• verduurzaming van de scheepvaart en voorbereiding op nieuwe brandstoffen zoals methanol, waterstof en ammoniak.
Daarnaast investeert het CNB in de doorontwikkeling van informatie- en planningssystemen, de aansluiting op het Maritiem Nationaal Single Window (MNSW) en nieuwe digitale toepassingen, waaronder drones.
Voor het Havenafvalstoffenplan wordt in 2027 gewerkt aan verdere digitalisering van meld- en afgifteprocessen en aan een actualisatie van het plan, zodat dit blijft aansluiten bij Europese en nationale ontwikkelingen
Samenwerkingsovereenkomst Zaanstad-CNB:
In 2026 dient er een nieuwe samenwerkingsovereenkomst gesloten te worden met betrekking tot de geleverde diensten voor Zaanstad. Het ligt in de lijn der verwachting dat de bijdrage voor deze dienst zal worden verhoogd van €11K naar ong. €15K.
Rechtsmatigheidsverantwoording:
Het CNB heeft BDO advies gevraagd rondom de rechtmatigheidsverantwoording. Het CNB is
een zeer kleine gemeenschappelijke regeling, alle taken rondom uitvoering zijn gemandateerd aan de PoA. Het risico op fouten in de rechtmatigheid is daardoor minimaal. Met de toezichthouder is afgestemd dat de omvang van de organisatie passend is bij het achterwege blijven van de rechtmatigheidsverantwoording. De raad heeft in de zienswijze gevraagd om de adviezen van het BDO advies op te volgen en nader uit te werken.
Risicoprofiel
Het risicoprofiel van de gemeenschappelijke regeling Centraal Nautisch Beheer Noordzeekanaalgebied is "gemiddeld" laag. Financieel draagt de gemeente Zaanstad nauwelijks bij in de gemeenschappelijke regeling. Het Havenbedrijf Amsterdam NV draagt het exploitatiesaldo. Zaanstad heeft 15% van de stemmen in het Algemeen Bestuur.
Financiële positie
In 2025 is door de PoA € 29,7 miljoen (begroot € 30,1 miljoen) aan de uitvoering van publieke taken uitgegeven. Voor 2027 bedraagt de begroting van het CNB met inbegrip van de gezamenlijke gemandateerde taken € 33,7 miljoen. Het saldo van de jaarrekening 2025 en de begroting 2027 komen nagenoeg voor rekening van de PoA Zaanstad draagt jaarlijks € 11.000,-- bij aan de uitvoering van de taken van het CNB, in het bijzonder aan de havenbeveiligingstaken (ISPS) en inspecties zeevaart op grond van de Regionale Havenverordening.
Risico's en beheersmaatregelen
Risico 1: Het CNB heeft geen eigen weerstandsvermogen.
De publieke taakuitoefening is door het CNB gemandateerd aan de Divisie Havenmeester van het Havenbedrijf Amsterdam NV. De governance-regels waaraan Havenbedrijf Amsterdam NV moet voldoen, onder andere die van solvabiliteit en liquiditeit, waarborgen dat onverwachte financiële tegenvallers de publieke taakuitoefening niet in gevaar brengen.
Beheersmaatregelen vanuit gemeente Zaanstad:
- Begroting en jaarrekening van de afgelopen drie jaren zijn beschikbaar.
- Zaanstad neemt deel aan het Bestuur van CNB. Minimaal twee keer per jaar is er een bestuursvergadering. De vaststelling van de begroting en jaarrekening vindt plaats in het Bestuur CNB. Alvorens de jaarstukken ter vaststelling voor te leggen, kunnen de gemeenteraden jaarlijks een zienswijze geven op de jaarstukken.
- Zaanstad participeert in het Beleidsoverleg van het CNB. Dat komt elke twee maanden bij elkaar.
- Voorstellen van Verbonden Partijen tot aanpassing van de statuten en gemeentelijke deelname worden altijd besproken met sector Strategie en Control.
Risico 2: Havenbedrijf Amsterdam NV hanteert een systeem van risicomanagement gebaseerd op Enterprise Risk Management (COSO-ERM).
Risico’s op verschillende deelgebieden zijn geïnventariseerd en geclassificeerd op basis van kans en mogelijke impact. Periodiek wordt deze inventarisatie herhaald om gewijzigde of nieuwe risico’s tijdig te kunnen onderkennen.
Beheersmaatregelen
- goed opgeleid personeel (regelmatige oefening en bijscholing, eigen simulator);
- up-to-date-systemen en technische infrastructuur tot heldere processen & procedurebeschrijvingen met duidelijke bevelstructuur;
- het onderhouden van nauwe contacten met belangrijke externe belanghebbenden zoals Rijkswaterstaat;
- periodieke evaluatie of de bestaande beheersmaatregelen nog afdoende zijn en of aanvullende maatregelen nodig zijn
Privaatrechtelijk
- Privaatrechtelijk
Betaalbare Koopwoningen Zaanstad Holding B.V.
(Bedragen x €1.000)Betaalbare Koopwoningen Zaanstad Holding B.V.Rechtsvorm:Besloten Vennootschap
Oprichtings-/publicatiedatum:6 oktober 2005Vestigingsplaats:ZaandamToezichtsregime:hoogOpenbaar belangHet doel van Betaalbare Koopwoningen Zaanstad Holding B.V. (BKZ) is tweeledig:
- Het bevorderen van de volkshuisvesting overeenkomstig het beleid van de gemeente Zaanstad
- Het realiseren van kwalitatief hoogwaardige sociale koopwoningen in de gemeente Zaanstad; het via erfpacht beschikbaar stellen van deze woningen aan de gewenste doelgroep en het uitvoeren van een beleid teneinde deze woningen zoveel mogelijk voor de doelgroep te behoudenBestuurlijk belangGemeente Zaanstad is voor 100% eigenaar van de aandelen. Wethouder Onclin vertegenwoordigt de gemeente in de AvA, plaatsvervanger is wethouder Van der Laan.
Stemverhouding: 100%Actualiteiten en risico'sInleiding
BKZ (Betaalbare Koopwoningen Zaanstad) is een zelfstandige organisatie zonder winstoogmerk, opgericht door de gemeente Zaanstad. Sinds 2005 maakt BKZ het mogelijk voor huishoudens met een laag tot middeninkomen om een betaalbare koopwoning te verwerven in Zaanstad. BKZ ondersteunt hiermee het volkshuisvestelijk beleid van de gemeente, juist op punten waar de markt tekortschiet.
BKZ ontwikkelt en beheert verschillende modellen voor betaalbare koopwoningen, waaronder het model ‘BKZ Starterswoning’. Dit model is speciaal bedoeld voor starters op de woningmarkt met een laag- en middeninkomen, die anders moeilijk aan een koopwoning kunnen komen.. BKZ zorgt ervoor dat deze woningen ook op de lange termijn beschikbaar blijven voor de doelgroep en voorkomt dat woningen bij doorverkoop snel buiten het betaalbare segment terechtkomen.
BKZ richt zich niet alleen op de ontwikkeling van betaalbare koopwoningen, maar investeert ook in funderingsherstel en verduurzaming van bestaande woningen. Hiermee krijgen ook huishoudens met minder financiële mogelijkheden de kans om hun woning veilig, comfortabel en toekomstbestendig te houden.
Ontwikkelingen
De Raadsinformatiebrief over de Algemene Vergadering van Aandeelhouders (AvA) van Betaalbare Koopwoningen Zaanstad (BKZ) van 27 november 2025 informeert de raad over:
- De eerste ervaringen van de nieuwe directie BKZ, die pleit voor nader uitgewerkt woonbeleid en meer borging van betaalbare koopwoningen in de woningprogrammering.
- De voortgang van projecten (Kreekveld en Kreekzicht)
- Evaluatie en verbetering van het BKZ-Starterswoningenmodel en
- Onderzoek naar beleidssturing op het realiseren van BKZ woningen en mogelijkheden om inwoners uit Zaanstad voorrang te geven bij toewijzing van BKZ-woningen.
- Benoeming van een nieuw RvC-lid, uitstel jaarrekening 2025, keuze van een nieuwe accountant, en opvolging van aanbevelingen uit het AEF-rapport.
- De begroting 2026 is goedgekeurd; BKZ heeft voldoende reserves.
- Uitstel van de jaarrekening 2025: de jaarrekening wordt in de AvA na het zomerreces 2026 geagendeerd.
Einde dienstverband van statutair directeur BKZ
Directeur Van Dijck heeft de organisatie verlaten, haar benoemingstermijn liep af op 31 augustus 2026. De financieel en operationeel directeur bij BKZ, dhr De Weerd, is per 1 september benoemd als interim-bestuurder door de AvA. De RvC heeft de werving voor een nieuwe directeur-bestuurder opgestart.
Algemene Vergadering van Aandeelhouders (AvA) 21 september 2026
De aandeelhouders hebben een besluit genomen op de volgende onderwerpen:
- Jaarrekening 2025 van BKZ Holding inclusief resultaatbestemming
Zie toelichting onder Financiële positie
- Het verlenen van decharge aan het bestuur voor het gevoerde beleid en de raad van commissarissen (RvC) over het gehouden toezicht over boekjaar 2025
Ook heeft de AvA kennisgenomen van o.a. de volgenden onderwerpen:
- Jaarrekeningen dochters en accountantsverslag 2025
- Resultaat managementopgave 2025
- Jaarrapportage 2025
- Ontwikkelingen op de bedrijfsvoering BKZ
In de AvA eind 2026 of begin 2027 besluit de AvA over een statutenwijziging
Bureau AEF heeft een adviesrapportage uitgebracht ‘Herijking BKZ als bestendige verbinding van gemeente Zaanstad’ (25 oktober 2024). Het rapport doet aanbevelingen over de governance. De uitwerking hiervan is door de gemeente en BKZ opgepakt. Dit traject loopt door in 2026. Een aantal aanbevelingen leidt tot een wijziging in de statuten van BKZ. De statutenwijziging zal aan de AVA in 2026 of 2027 worden voorgelegd.
Risicoprofiel
Het zwaartepunt van de risico's van BKZ liggen op het politieke en financiële vlak. De doelstelling van BKZ is bijdragen aan de volkshuisvesting binnen de gemeente Zaanstad. Deze doelstelling heeft politiek de aandacht. Vanwege de rekening courant en de leningsovereenkomst, die BKZ heeft afgesloten met de gemeente Zaanstad voor BKZ traditioneel tot een maximumbedrag van respectievelijk 5,5 miljoen euro en voor de Garantieregelingen tot 31 miljoen, is het financieel belang groot te noemen. De gemeente heeft voor het duurzaam funderingsherstel een lening (kredietfaciliteit) verstrekt aan BKZ van € 30 miljoen om grond en tranches casco woning aan te kopen.
Financiële positie
Financieel sluit BKZ het jaar af met een positief resultaat van € 435.182. Dit resultaat wordt voornamelijk verklaard door opbrengsten uit Garantieregeling Zaanstad B.V. en gerealiseerde verkoopresultaten. De accountant heeft geen materiële afwijkingen of onzekerheden geconstateerd.
Risico's
- Het trancherisico op de opstal betreft een lange termijnrisico en hangt samen met de conjunctuur. Hierbij worden de tranches van de opstalwaarde) niet afgenomen door de kopers (en dus niet terugbetaald op korte termijn . Gevolg is dat pas bij (door)verkoop de resterende tranches worden gerealiseerd (afgelost). BKZ monitort dit.
- Langetermijnrisico van waardevermindering van de grond in de toekomst. De grond wordt na 25 jaar geherwaardeerd;
- Hoogconjunctuur leidt tot positieve kasstroom door afname van tranches en grond. Dit risico wordt beperkt door de stijgende rente waardoor woningbezitters niet verhuizen. Echter hierdoor daalt het aantal BKZ woningen en beschikbaarheid van woningen voor de doelgroep;
- Uitvoering DFZ (VHF woningen) door tekort aangeleverde woningen. Gemeente Zaanstad is verantwoordelijk voor de aanlevering van de betreffende VHF woningen en deze worden nog beperkt aangeleverd. Op dit moment zet de gemeente zich in om meer woningen aan te leveren aan BKZ;
- Het afkopen van de schuld wordt momenteel met afbetalingsregeling binnen BKZ opgevangen. Het gaat om een combinatie van funderingsherstel en verduurzaming. De AFM staat dit momenteel nog toe, BKZ loopt het financiële risico, hierover wordt gerapporteerd in het directieverslag;
- Overgang van project - naar structurele organisatie kan leiden tot vertrek van personeel waardoor kennis verloren gaat. Verwachting van de RvC is dat de kennis snel weer wordt opgebouwd;
- Advies vier ogen principe voor hoge bedragen. Het bedrag waarvoor het vier ogen van toepassing is vaststellen;
- Indien er verzoek tot dividend uitkeringen zou komen moet de gemeente scherp houden welke financiële verplichtingen BKZ heeft ten opzicht van de gemeente (kredietverstrekking) en de mate waarin het risicoprofiel dan verder toeneemt.
Beheersmaatregelen
- Jaarlijkse inkomenstoets bij kopers door BKZ;
- Periodieke kwartaalrapportages worden aan verantwoordelijke wethouders, college en raad verstrekt. Deze rapportages bevatten gegevens met betrekking tot aantal woningen, liquiditeit, prognoses cashflow, risico’s, etc.
- Overlegstructuur: 1 à 2 keer per maand overleg tussen ambtenaren en de directie van BKZ; Governance regulier overleg 4 X per jaar (AEF rapport);
- Operationalisering van het herijkte VHF-DFZ model waarbij geld is gereserveerd voor renovatie en sloop-nieuwbouw in de periode 2022-2031 van maximaal 200 woningen. Voor investering in de grond en de woning is een lening afgesloten tussen gemeente en BKZ van € 30 miljoen;
- Toetsing WNT norm van directie en RvC door de onafhankelijke accountant.
- Governance wordt opgepakt met de directie van BKZ en de gemeente. Verwachting dat dit in 2026 gereed is.
- Door het benoemen van 2 directeuren is continuïteit en kennis bij BKZ beter geborgd