Publiekrechtelijk
- Publiekrechtelijk
Recreatieschap Alkmaarder en Uitgeestermeer
(Bedragen x €1.000)Recreatieschap Alkmaarder en UitgeestermeerRechtsvorm:Gemeenschappelijke regeling - openbaar lichaam
Oprichtings-/publicatiedatum:5 april 2007Vestigingsplaats:UitgeestToezichtsregime:middelOpenbaar belangHet Recreatieschap Alkmaarder- en Uitgeestermeer (RAUM) is een samenwerkingsverband van twaalf omliggende gemeenten en de provincie Noord-Holland. Het zet zich in voor:
- het verzekeren van een evenwichtige ontwikkeling van de recreatie en de watersport op en rondom het meer en aangrenzende gebieden;
- het tot stand brengen, bewaren en onderhouden van het landschap en een evenwichtig natuurlijk milieu dat is afgestemd op het onder bovenstaande geformuleerde.
Bestuurlijk belangWethouder Van 't Veer is lid van het Algemeen Bestuur en het Dagelijks Bestuur, plaatsvervanging door wethouder Onclin.
Stemverhouding: 12,5%Actualiteiten en risico'sInleiding
Recreatieschap Alkmaarder- en Uitgeestermeer (RAUM) is een gemeenschappelijke regeling van de gemeenten Alkmaar, Beverwijk, Castricum, Heemskerk, Heiloo, Uitgeest en Zaanstad en Provincie Noord-Holland. Het recreatieschap heeft onder meer het bevorderen van evenwichtige ontwikkeling in de recreatie in samenhang met het tot stand brengen en bewaren van een evenwichtig natuurlijk milieu als doel. De werkzaamheden van het recreatieschap worden uitgevoerd door Recreatie Noord-Holland N.V., Provincie Noord-Holland is eigenaar van deze onderneming.
In de vergadering van 6 februari 2025 heeft het algemeen bestuur het voornemen tot opheffing uitgesproken.
Voor Zaanstad is het gebied een belangrijke recreatiemogelijkheid voor onze inwoners.
Ontwikkelingen
Het recreatieschap bevindt zich in een belangrijke overgangsfase. Het Algemeen Bestuur heeft het voornemen uitgesproken om de gemeenschappelijke regeling op te heffen. Hiervoor wordt een liquidatieplan uitgewerkt waarin wordt beschreven hoe taken, eigendommen, beheer en financiële verplichtingen in de toekomst worden georganiseerd. De provincie Noord-Holland heeft een belangrijke rol in het liquidatieproces. Door de provinciale verkiezingen in 2027 kan de planning van besluitvorming over de toekomst van het recreatieschap wijzigen.
In afwachting van verdere besluitvorming blijft het recreatieschap verantwoordelijk voor het beheer van de gebieden volgens het uitgangspunt schoon, heel en veilig. Bestaande verplichtingen en lopende projecten worden voortgezet. Dit geldt onder andere voor de natuurontwikkeling van Saskerleidam en projecten gericht op waterkwaliteit en recreatieve voorzieningen in het gebied. Nieuwe ontwikkelingen worden terughoudend opgepakt.
Daarnaast is een nieuwe governance-structuur vastgesteld. Het bestuursbureau wordt beëindigd en vervangen door een ambtelijke commissie. Hiermee worden rollen, verantwoordelijkheden en de aansturing van Recreatie Noord-Holland anders ingericht.
Risicoprofiel
Het risicoprofiel van deelname aan de gemeenschappelijke regeling blijft hoog. Het recreatieschap beschikt over een beperkte weerstandscapaciteit, terwijl onzekerheid bestaat over de gevolgen van de voorgenomen opheffing, de toekomstige verdeling van taken en eigendommen en de financiële gevolgen van het duikongeval bij Dorregeest. Daarnaast blijven risico’s bestaan op het gebied van extreem weer, waterkwaliteit, natuurbeheer en stijgende beheer- en onderhoudskosten.
Financieel beeld
Jaarrekening 2025
De jaarrekening 2025 sluit af met een beperkt positief resultaat. Dit resultaat hangt onder meer samen met het uitstellen of beëindigen van projecten in verband met het onderzoek naar de toekomst van het recreatieschap. Het positieve resultaat is toegevoegd aan de reserves, waardoor het eigen vermogen licht is toegenomen. Tegelijkertijd is in de jaarrekening rekening gehouden met de financiële gevolgen van het duikongeval bij Dorregeest.
Rechtmatigheidsverantwoording
Het dagelijks bestuur heeft vastgesteld dat de baten, lasten en balansmutaties rechtmatig tot stand zijn gekomen binnen de daarvoor geldende normen. Er zijn geen afwijkingen geconstateerd die aanleiding geven tot aanvullende maatregelen.
Toekomst recreatieschap
Het bestuur van het recreatieschap onderzoekt hoe de recreatieve opgaven, eigendommen, taken en verantwoordelijkheden in de toekomst kunnen worden georganiseerd. Daarbij wordt gewerkt aan een liquidatieplan waarin verschillende scenario’s worden uitgewerkt. De recreatieve functie van het gebied blijft hierbij uitgangspunt. Ook wordt gekeken naar de financiële, bestuurlijke en organisatorische gevolgen voor de deelnemende gemeenten en de provincie Noord-Holland.
Begroting 2027
De begroting 2027 staat in het teken van het beheer van de recreatiegebieden en de voorbereiding op de mogelijke opheffing van het recreatieschap. Nieuwe investeringen worden beperkt gehouden, terwijl beheer, onderhoud en lopende projecten doorgaan. Verschillende deelnemers hebben in hun zienswijzen steun uitgesproken voor de koers richting opheffing, mits zorgvuldig wordt omgegaan met financiële risico’s, eigendommen en toekomstige verantwoordelijkheden. Het bestuur heeft aangegeven deze aandachtspunten te betrekken bij de verdere uitwerking van het liquidatieproces.
Zienswijze
De gemeenteraad heeft een positieve zienswijze afgegeven op de financiële documenten van het recreatieschap. Daarbij heeft Zaanstad aandacht gevraagd voor een zorgvuldige uitwerking van het liquidatieproces, het behoud van voldoende invloed van gemeenten op toekomstige keuzes in het gebie. Het bestuur van het recreatieschap heeft aangegeven deze aandachtspunten te betrekken bij de verdere uitwerking van het liquidatieproces.
Risico's en beheersmaatregelen
Risico’s
- Onzekerheden rondom de voorgenomen opheffing van het recreatieschap en de verdeling van taken, eigendommen en financiële verplichtingen.
- Extreem weer, verslechtering van de zwemwaterkwaliteit en andere calamiteiten in de recreatiegebieden.
- Stijgende kosten als gevolg van nieuwe wet- en regelgeving en beheer- en onderhoudsopgaven.
- Beperkte weerstandscapaciteit ten opzichte van de aanwezige risico’s.
Beheersmaatregelen
- Uitwerking van een zorgvuldig liquidatieproces in samenwerking met gemeenten en provincie.
- Voortzetting van beheer en onderhoud volgens het uitgangspunt schoon, heel en veilig.
- Implementatie van de nieuwe governance-structuur met een grotere rol voor de ambtelijke commissie.
- Regelmatige communicatie met gemeenten, Provinciale Staten, ondernemers en andere belanghebbenden over de voortgang van het liquidatieproces
- Publiekrechtelijk
GGD Zaanstreek Waterland
(Bedragen x €1.000)GGD Zaanstreek WaterlandRechtsvorm:Gemeenschappelijke regeling - openbaar lichaam
Oprichtings-/publicatiedatum:01-09-2016Vestigingsplaats:ZaandamToezichtsregime:hoogOpenbaar belangGGD Zaanstreek-Waterland beschermt, bewaakt en bevordert de gezondheid en de (sociale) veiligheid van alle mensen in de regio. Daarbij staat een preventieve en collectieve aanpak voorop, met specifieke aandacht voor bevordering van participatie en ondersteuning van de eigen regie van mensen. Als uitvoeringsorganisatie van de gemeenten sluit de GGD aan bij de gemeentelijke verantwoordelijkheden in het sociaal domein.
Bestuurlijk belangEen lid van het Algemeen Bestuur (AB) heeft in de vergadering van het AB één stem. In die gevallen waarin Zaanstad en Purmerend zwaarwegende bezwaren hebben tegen een voorstel en met het oog daarop tegenstemmen, leidt die tegenstem tot verwerping van het voorstel. Het voorgaande is niet van toepassing op het voorstel tot vaststelling van de begroting respectievelijk de jaarrekening van de GGD. Wethouder Onclin is lid van het DB en het AB, plaatsvervanger wethouder Doeves-de Boer. Het voorzitterschap wordt na elke gemeenteraadsverkiezing gewisseld met gemeente Purmerend
Stemverhouding: 14%Actualiteiten en risico'sInleiding
De GGD is een gemeenschappelijke regeling van de 7 Zaanstreek-Waterland gemeenten. Zij helpen mee bij het voorkomen van gezondheidsproblemen, ondersteunen bij het ontwikkelen van gezond gedrag en bieden advies en hulp wanneer dat nodig is.
Voor Zaanstad is de GGD een belangrijke partner op het gebied van gezondheid van al onze inwoners.
Ontwikkelingen
Onze GGD is een relatief kleine GGD in vergelijking met andere regio’s. Toekomstbestendigheid is al jaren een belangrijk onderwerp. Zo is de afgelopen jaren gewerkt aan goede samenwerkingsafspraken met de gemeenten en duidelijkere sturing en grip op de uit te voeren taken. Inhoudelijk wordt er actief samengewerkt met gemeente Amsterdam op het gebied van algemene infectieziektebestrijding. De GGD heeft daarnaast het voornemen tot een bestuurlijk juridische fusie met de Veiligheidsregio Zaanstreek-Waterland ter zienswijze aan de gemeenteraden voorgelegd. Naast het samenwonen (eind 2026) is er nu dus het voornemen de samenwerking uit te breiden. De verwachting is dat op deze manier de bedrijfsvoering steviger kan worden neergezet.
De incidentele taak om de vaccinatiegraad wijkgericht te verhogen is uitgebreid (10353218), omdat hiervoor middelen voor Zaandam Oost vrijkwamen vanuit het Rijk. De wens is om hier een structureler programma van te maken, of hier mogelijkheden voor zijn wordt in 2027 bekend.
Per 2028 is aan de GGD verzocht om in lijn met het coalitieakkoord 5 procent op de basistaken te besparen (eerder al voor 2 procent ingevuld). Tevens zal een deel van de plustaken op het gebied van opvoedondersteuning worden geschrapt per 2028. Hierover wordt de raad nog nader geïnformeerd.
Voor verdere ontwikkelingen met betrekking tot de GGD Zaanstreek-Waterland zie de begroting van de GGD voor 2027 (10248724).
Risicoprofiel
Gemeenten zijn wettelijk verplicht om een GGD in stand te houden voor de uitvoering van de taken op het gebied van de publieke gezondheidszorg. Het risicoprofiel van de GGD is hoog. De financiële bijdrage in de Gemeenschappelijke Regeling is groot, € 14 mln. deelnemersbijdrage voor het basispakket en € 3,7 mln. aan plustaken in 2027, terwijl de gemeente Zaanstad maar beperkte invloed heeft in het Algemeen Bestuur. Iedere gemeente heeft één stem. Dit betekent voor Zaanstad een stemverhouding van 14% en een financiële deelnemersbijdrage van 47% voor het basispakket. De politieke en maatschappelijke betrokkenheid zijn eveneens groot: de activiteiten van de GGD betreffen de gezondheid en veiligheid van de inwoners. Een probleem op het gebied van volksgezondheid of veiligheid haalt direct de pers en heeft zijn weerslag op de politiek.
Financiële positie
Jaarrekening 2025
De jaarrekening 2025 van de GGD sluit af met een positief resultaat van € 696.414. Hiervan wordt € 217.592 toegevoegd aan bestemmingsreserves. Het voorstel is om € 478.822 te storten in de algemene reserve. Hierdoor neemt de algemene reserve van de GGD toe van € 457.258 naar € 936.080. De gemeenteraad van Zaanstad heeft een positieve zienswijze afgegeven over het voorstel om het over 2025 behaalde resultaat toe te voegen aan de algemene reserve en bestemmingsreserves. Dit ten behoeve van toekomstige verplichtingen en het opvangen van risico’s.
Rechtmatigheidsverantwoording
Het dagelijks bestuur heeft in de rechtmatigheidsverantwoording geconcludeerd dat niet alle baten en lasten rechtmatig tot stand zijn gekomen binnen de gestelde verantwoordingsgrens. Op enkele programma’s zijn de begrote lasten met in totaal € 1,383 mln. overschreden, wat is verantwoord als begrotingsonrechtmatigheid. Tegenover de overschrijding van de lasten, staan ook hoger inkomsten. Daarbij is € 508.000 aan inkopen ten onrechte niet Europees aanbesteed. Voor het criterium misbruik en oneigenlijk gebruik zijn geen bevindingen geconstateerd. Het dagelijks bestuur heeft aangegeven maatregelen te treffen om dergelijke afwijkingen in de toekomst te voorkomen. De accountant van de GGD heeft een goedkeurende controleverklaring verstrekt bij de jaarstukken 2025, inclusief de rechtmatigheidsverantwoording.
Begroting 2027-2030
De begroting 2027 bevat mutaties waardoor de begrote lasten stijgen van € 32,27 mln. naar € 32,73 mln. De grootste mutaties zijn voor een uitbreiding van Veilig Thuis, een uitbreiding van het Meldpunt en Advies Bijzondere Zorg (MABZ) en aanvullende middelen voor deelname aan de ZSM-tafel en ICT/IV-ontwikkelingen bij Veilig Thuis opgenomen. Deze mutaties zijn ter zienswijze voorgelegd aan de raden van de deelnemende gemeenten.
De gemeenteraad van Zaanstad heeft een positieve zienswijze afgegeven op de structurele uitbreiding van Veilig Thuis en het dienstenoverzicht. Voor de uitbreiding van MABZ is inhoudelijk draagvlak uitgesproken, maar vanwege het ontbreken van financiële dekking is geen positieve zienswijze afgegeven. Daarnaast heeft de raad een negatieve zienswijze afgegeven op deelname aan de ZSM-tafel en de stijging van de ICT/IV-kosten bij Veilig Thuis. De GGD betrekt de zienswijzen van alle gemeenten bij de verdere besluitvorming en het Algemeen Bestuur wordt gevraagd de begroting 2027 met inachtneming van deze zienswijzen vast te stellen.
De reactie op de zienswijzen van het bestuur van de GGD is nog niet bekend.
Risico’s en beheersmaatregelen
Inleiding
De GGD is een gemeenschappelijke regeling van de 7 Zaanstreek-Waterland gemeenten. Zij helpen mee bij het voorkomen van gezondheidsproblemen, ondersteunen bij het ontwikkelen van gezond gedrag en bieden advies en hulp wanneer dat nodig is.
Voor Zaanstad is de GGD een belangrijke partner op het gebied van gezondheid van al onze inwoners.
Ontwikkelingen
Onze GGD is een relatief kleine GGD in vergelijking met andere regio’s. Toekomstbestendigheid is al jaren een belangrijk onderwerp. Zo is de afgelopen jaren gewerkt aan goede samenwerkingsafspraken met de gemeenten en duidelijkere sturing en grip op de uit te voeren taken. Inhoudelijk wordt er actief samengewerkt met gemeente Amsterdam op het gebied van algemene infectieziektebestrijding. De GGD heeft daarnaast het voornemen tot een bestuurlijk juridische fusie met de Veiligheidsregio Zaanstreek-Waterland ter zienswijze aan de gemeenteraden voorgelegd. Naast het samenwonen (eind 2026) is er nu dus het voornemen de samenwerking uit te breiden. De verwachting is dat op deze manier de bedrijfsvoering steviger kan worden neergezet.
De incidentele taak om de vaccinatiegraad wijkgericht te verhogen is uitgebreid (10353218), omdat hiervoor middelen voor Zaandam Oost vrijkwamen vanuit het Rijk. De wens is om hier een structureler programma van te maken, of hier mogelijkheden voor zijn wordt in 2027 bekend.
Per 2028 is aan de GGD verzocht om in lijn met het coalitieakkoord 5 procent op de basistaken te besparen (eerder al voor 2 procent ingevuld). Tevens zal een deel van de plustaken op het gebied van opvoedondersteuning worden geschrapt per 2028. Hierover wordt de raad nog nader geïnformeerd.
Voor verdere ontwikkelingen met betrekking tot de GGD Zaanstreek-Waterland zie de begroting van de GGD voor 2027 (10248724).
Risicoprofiel
Gemeenten zijn wettelijk verplicht om een GGD in stand te houden voor de uitvoering van de taken op het gebied van de publieke gezondheidszorg. Het risicoprofiel van de GGD is hoog. De financiële bijdrage in de Gemeenschappelijke Regeling is groot, € 14 mln. deelnemersbijdrage voor het basispakket en € 3,7 mln. aan plustaken in 2027, terwijl de gemeente Zaanstad maar beperkte invloed heeft in het Algemeen Bestuur. Iedere gemeente heeft één stem. Dit betekent voor Zaanstad een stemverhouding van 14% en een financiële deelnemersbijdrage van 47% voor het basispakket. De politieke en maatschappelijke betrokkenheid zijn eveneens groot: de activiteiten van de GGD betreffen de gezondheid en veiligheid van de inwoners. Een probleem op het gebied van volksgezondheid of veiligheid haalt direct de pers en heeft zijn weerslag op de politiek.
Financiële positie
Jaarrekening 2025
De jaarrekening 2025 van de GGD sluit af met een positief resultaat van € 696.414. Hiervan wordt € 217.592 toegevoegd aan bestemmingsreserves. Het voorstel is om € 478.822 te storten in de algemene reserve. Hierdoor neemt de algemene reserve van de GGD toe van € 457.258 naar € 936.080. De gemeenteraad van Zaanstad heeft een positieve zienswijze afgegeven over het voorstel om het over 2025 behaalde resultaat toe te voegen aan de algemene reserve en bestemmingsreserves. Dit ten behoeve van toekomstige verplichtingen en het opvangen van risico’s.
Rechtmatigheidsverantwoording
Het dagelijks bestuur heeft in de rechtmatigheidsverantwoording geconcludeerd dat niet alle baten en lasten rechtmatig tot stand zijn gekomen binnen de gestelde verantwoordingsgrens. Op enkele programma’s zijn de begrote lasten met in totaal € 1,383 mln. overschreden, wat is verantwoord als begrotingsonrechtmatigheid. Tegenover de overschrijding van de lasten, staan ook hoger inkomsten. Daarbij is € 508.000 aan inkopen ten onrechte niet Europees aanbesteed. Voor het criterium misbruik en oneigenlijk gebruik zijn geen bevindingen geconstateerd. Het dagelijks bestuur heeft aangegeven maatregelen te treffen om dergelijke afwijkingen in de toekomst te voorkomen. De accountant van de GGD heeft een goedkeurende controleverklaring verstrekt bij de jaarstukken 2025, inclusief de rechtmatigheidsverantwoording.
Begroting 2027-2030
De begroting 2027 bevat mutaties waardoor de begrote lasten stijgen van € 32,27 mln. naar € 32,73 mln. De grootste mutaties zijn voor een uitbreiding van Veilig Thuis, een uitbreiding van het Meldpunt en Advies Bijzondere Zorg (MABZ) en aanvullende middelen voor deelname aan de ZSM-tafel en ICT/IV-ontwikkelingen bij Veilig Thuis opgenomen. Deze mutaties zijn ter zienswijze voorgelegd aan de raden van de deelnemende gemeenten.
De gemeenteraad van Zaanstad heeft een positieve zienswijze afgegeven op de structurele uitbreiding van Veilig Thuis en het dienstenoverzicht. Voor de uitbreiding van MABZ is inhoudelijk draagvlak uitgesproken, maar vanwege het ontbreken van financiële dekking is geen positieve zienswijze afgegeven. Daarnaast heeft de raad een negatieve zienswijze afgegeven op deelname aan de ZSM-tafel en de stijging van de ICT/IV-kosten bij Veilig Thuis. De GGD betrekt de zienswijzen van alle gemeenten bij de verdere besluitvorming en het Algemeen Bestuur wordt gevraagd de begroting 2027 met inachtneming van deze zienswijzen vast te stellen.
De reactie op de zienswijzen van het bestuur van de GGD is nog niet bekend.
Risico’s en beheersmaatregelen
Risico: Personeelstekorten (landelijk fenomeen) leiden tot verslechteren dienstverlening aan inwoners en wachtlijsten
Beheersmaatregel: In samenwerking met GGD sturen op prioriteren van dienstverlening aan meest kwetsbare inwoners. Stimuleren van bovenregionale samenwerking om dienstverlening op peil te houden. GGD stuurt actief op terugdringen van het ziekteverzuim. Een extern bureau voert exitgesprekken om inzicht te krijgen in en grip te krijgen op het verloop en het behoud van werknemers.
Risico: Aanbod GGD sluit niet voldoende aan op behoefte inwoners/ maatschappelijke visie gemeente
Beheersmaatregel: periodiek inhoudelijk overleg om beleidskeuzes door te nemen en bestaand aanbod te verbeteren of nieuw aanbod te implementeren.
Risico: GGD is eigen risicodrager. Afschaling van taken/ opdrachten kunnen leiden tot (langdurige) frictiekosten die aan gemeenten worden doorbelast
Beheersmaatregel: Zaanstad communiceert als goed opdrachtgever tijdig het afstoten van taken/ opdrachten, zodat de GGD tijd heeft om passende maatregelen te nemen de frictiekosten te beperken. Verder zullen we erop aansturen om heldere afspraken te maken over frictiekosten en de wederzijdse verantwoordelijkheid om deze te beperken.
Risico: Autonome ontwikkelingen, wetwijzigingen en landelijke initiatieven kunnen leiden tot uitbreiding van capaciteit c.q. aanbod en toename van de kosten.
Beheersmaatregel: Periodiek overleg dat aansluit op de PDCA cyclus om daarmee sneller te kunnen anticiperen op ontwikkelingen in vraag en aanbod, en toekomstige wijzigingen en capaciteitsbehoefte.
Risico: Financiële tekorten groter dan € 450.000 kunnen niet worden opgevangen binnen het weerstandsvermogen (algemene reserve) van de GGD.
Beheersmaatregelen: Vanuit de GGD wordt de risicoanalyse verder aangescherpt. De volgende stap is om risico’s te kwantificeren en te toetsen dat er voor het geheel aan risico’s voldoende weerstandsvermogen aanwezig is. Aangezien gemeenten verantwoordelijk zijn voor de financiering van de GGD, is het zo dat gemeenten uiteindelijk zullen moeten bijdragen als de situatie zich voortdoet dat er tekorten zijn bij de GGD waarvoor onvoldoende weerstandsvermogen aanwezig is.
- Publiekrechtelijk
Vervoerregio Amsterdam
(Bedragen x €1.000)Vervoerregio AmsterdamRechtsvorm:Gemeenschappelijke regeling - openbaar lichaam
Oprichtings-/publicatiedatum:7 maart 2017Vestigingsplaats:AmsterdamToezichtsregime:middelOpenbaar belangDe Vervoerregio Amsterdam heeft als doel het, door samenwerking van gemeenten, oplossen van regionale problemen en benutten van regionale kansen in de regio Amsterdam.
Bestuurlijk belangWethouder Doeves-de Boer is lid van het AB
De wethouder van Amsterdam is voorzitter van het DB en tevens voorzitter van de Regioraad
Stemverhouding: 11,3%Actualiteiten en risico'sInleiding
De Vervoerregio Amsterdam is een samenwerkingsverband van veertien gemeenten, waaronder Zaanstad. De organisatie zorgt voor een goed bereikbaar en leefbaar gebied door het openbaar vervoer (bus, tram en metro) aan te sturen en te investeren in regionale infrastructuur voor fiets (zoals doorfietsroutes), auto en openbaar vervoer. Daarnaast behartigt zij de gezamenlijke mobiliteitsbelangen van de deelnemende gemeenten. Verder is de VRA als concessieverlener verantwoordelijk voor het openbaar vervoer in de regio en stelt de kaders en prestatie-eisen vast waaraan vervoerders moeten voldoen. Op basis van deze concessievoorwaarden werkt de vervoerder, in Zaanstreek-Waterland EBS, jaarlijks de vervoerplannen uit. In het concept Vervoerplan 2027 van EBS is o.a. een buslijn naar Het Eiland opgenomen.
Ontwikkelingen
Bezuinigingen Rijk
Vooralsnog heeft de Vervoerregio kunnen voorkomen dat er grote bezuinigingen op het regionale OV zijn doorgevoerd. Mede dankzij eerdere extra rijksmiddelen uit de motie-Bikker kon het ov-aanbod grotendeels op peil blijven en kon worden geïnvesteerd in kwaliteit, verkeersveiligheid en bereikbaarheid.
Tegelijkertijd blijft de Vervoerregio aangeven dat de financiële situatie na 2026 kwetsbaar is en dat structurele zekerheid vanuit het Rijk nodig blijft om het huidige voorzieningenniveau in stand te houden. Vanuit de VRA loopt bij het Rijk de lobby om deze bezuinigingen te voorkomen.
Motie Bikker
Dankzij de middelen uit de motie-Bikker kan de Vervoerregio Amsterdam investeren in beter en toegankelijker openbaar vervoer. Een belangrijke concrete uitkomst is dat kinderen van 4 tot en met 11 jaar vanaf 2027 gratis kunnen reizen in bus, tram en metro binnen de gehele Vervoerregio Amsterdam. Hier staat tegenover dat de landelijke 65-pluskorting van 34% wordt afgeschaft. Per saldo betreft dit daarmee een verschuiving van OV-ondersteuning van ouderen naar gezinnen met kinderen. De Vervoerregio onderzoekt nog mogelijkheden voor een regionale kortingsregeling voor ouderen.
Momenteel wordt de definitieve aanvraag voor Bikker gelden vanuit Zaanstad afgerond, hierin zit o.a. het verbeteren van de bushaltes Station Zaandam en De Vlinder.
Problemen EBS
De dienstuitvoering van EBS in de concessie Zaanstreek-Waterland is in 2026 verder verbeterd. De rituitval is teruggebracht tot onder de door de Vervoerregio gestelde norm, waardoor delen van de dienstregeling weer konden worden uitgebreid. De Vervoerregio blijft de prestaties van EBS monitoren. Daarnaast wordt het aan EBS opgelegde boetegeld ingezet voor projecten die de kwaliteit van het openbaar vervoer in de regio verbeteren.
Regionaal Deelmobiliteitssysteem
De Vervoerregio Amsterdam werkt aan één regionaal systeem voor deelfietsen en deelscooters. Hiermee moeten inwoners zich eenvoudiger over gemeentegrenzen kunnen verplaatsen en wordt deelmobiliteit beter verbonden met het openbaar vervoer. Momenteel wordt er nog het een en anders achter de schermen in orde gemaakt, zodat de komende jaren het systeem fysiek in de regio kan worden uitgerold. Er is hierin speciale aandacht voor de bereikbaarheid van zowel stedelijke als minder stedelijke gebieden.
Monitor Sociale Veiligheid
Sociale veiligheid is een belangrijk aandachtspunt binnen de Vervoerregio Amsterdam. Met behulp van de Monitor Sociale Veiligheid is inzicht verkregen in de veiligheidsbeleving van reizigers en medewerkers, evenals in incidenten en overlast in het openbaar vervoer. De sociale veiligheid van haltes wordt in Zaanstreek-Waterland het laagst beoordeeld van de drie VRA regio's (naast Zaanstreek-Waterland ook Amsterdam en Amstelland-Meerlanden). De resultaten worden gebruikt om maatregelen te ontwikkelen en de effectiviteit van bestaande acties te volgen. Ook de inzet van extra middelen, zoals de Bikkergelden, wordt hierbij meegenomen.
Risicoprofiel
Er is sprake van profiel middel.
Financiële positie
Jaarrekening 2025
De Vervoerregio Amsterdam heeft 2025 afgesloten met een positief financieel resultaat. Het overschot is voornamelijk ontstaan doordat een deel van de geplande investeringen en projecten later is uitgevoerd dan voorzien. Hierdoor zijn middelen doorgeschoven naar volgende jaren.
De financiële positie van de Vervoerregio blijft stabiel. De organisatie wordt grotendeels gefinancierd vanuit de Brede Doeluitkering (BDU) van het Rijk en aanvullende specifieke uitkeringen.
Tegelijkertijd blijven er financiële onzekerheden, onder meer door stijgende kosten, personeelstekorten en vertragingen bij de uitvoering van mobiliteitsprojecten en infrastructuurwerken.
Het positieve resultaat leidt daarom niet direct tot extra vrije bestedingsruimte, maar hangt vooral samen met het doorschuiven van uitgaven naar latere jaren voor reeds geplande projecten.
Rechtmatigheidsverantwoording
Uit de rechtmatigheidsverantwoording in de Jaarstukken 2025 blijkt dat de Vervoerregio Amsterdam haar financiële transacties overwegend volgens de geldende regels heeft uitgevoerd. Er zijn geen afwijkingen gemeld die boven de vastgestelde verantwoordingsgrens uitkomen.
Begroting 2027-2030
Voor Zaanstad blijft de Vervoerregio een belangrijke partner bij de verbetering van de bereikbaarheid van de stad, de ontwikkeling van hoogwaardige openbaarvervoerverbindingen en de ondersteuning van fiets- en verkeersveiligheidsprojecten die bijdragen aan de groei van woningen en werkgelegenheid.
Het gaat om o.a. de volgende ontwikkelingen:
- Uitvoering nieuw Mobiliteitsprogramma 2027-2035.
- Blijvende investeringen in openbaar vervoer, fiets en verkeersveiligheid.
- Koppeling van mobiliteitsinvesteringen aan woningbouwopgaven in de regio.
- Aandacht voor sociale veiligheid en kwaliteit van het openbaar vervoer.
- Financiële onzekerheden vanuit het Rijk blijven een aandachtspunt voor de komende jaren.
Voor gemeente Zaanstad zijn met name de volgende projecten belangrijk:
- Verbetering van de OV-bereikbaarheid van Zaandam en de ZaanIJ-corridor.
De Vervoerregio blijft investeren in hoogwaardige OV-verbindingen tussen Zaanstad, Amsterdam en Schiphol. Dit is belangrijk voor de bereikbaarheid van inwoners, werknemers en bezoekers en helpt de groeiende mobiliteitsvraag als gevolg van verstedelijking, verdichting en woningbouw in de regio op te vangen.
- Woningbouw en mobiliteit.
De Vervoerregio koppelt investeringen in mobiliteit nadrukkelijk aan de grote woningbouwopgaven in de regio. Voor Zaanstad is dit relevant vanwege de ontwikkelingen in onder meer Zaandam Oost, Achtersluispolder, Hembrugterrein en andere binnenstedelijke verdichtingslocaties.
- Regionale fietsroutes.
Verdere investeringen in comfortabele en veilige doorfietsroutes moeten de verbindingen tussen Zaanstad, Amsterdam en omliggende gemeenten verbeteren.
- OV-concessie Zaanstreek-Waterland (EBS).
De prestaties en betrouwbaarheid van de busverbindingen in de regio blijven een belangrijk aandachtspunt. De Vervoerregio houdt toezicht op de concessie en werkt aan kwaliteitsverbeteringen
Risico's en beheersmaatregelen
- OV-schaalsprong
De Vervoerregio investeert de komende jaren in grote OV-projecten, zoals de verlenging van de Noord/Zuidlijn naar Haarlemmermeer en verbeteringen op de verbinding tussen Sloterdijk en Amsterdam Centrum. Deze investeringen zijn nodig om de groei van woningen, werkgelegenheid en onderwijslocaties in de regio bereikbaar te houden. Tegelijkertijd zijn deze projecten afhankelijk van blijvende steun van het Rijk. Vertraging of uitstel kan gevolgen hebben voor andere belangrijke bereikbaarheidsprojecten in de regio.
- Klimaat
De Vervoerregio houdt bij nieuwe projecten en contracten steeds meer rekening met de gevolgen van klimaatverandering. Extreem weer, zoals hevige regenval, hitte en droogte, kan gevolgen hebben voor de betrouwbaarheid van de OV-infrastructuur, bijvoorbeeld bij tunnels en metrotrajecten. Daarom worden klimaatrisico’s en de bijbehorende kosten nadrukkelijk meegenomen in toekomstige investeringen en grote OV-projecten.
- Risicodragend opdrachtgeverschap
De Vervoerregio heeft sinds 2022 een grotere verantwoordelijkheid gekregen voor het beheer en de ontwikkeling van het openbaar vervoersysteem. Samen met GVB wordt gewerkt aan een beter inzicht in onderhoud, vervangingsopgaven, prestaties en risico’s van de railinfrastructuur. Het verder professionaliseren van het opdrachtgeverschap is daarbij een belangrijk speerpunt voor de komende jaren.
- Transitie naar elektrische bussen
De Vervoerregio zet de laatste stappen in de transitie naar elektrisch vervoer. Dit gaat met name om investeringen in elektrische bussen en laadinfrastructuur. Dit draagt bij aan de doelstelling om vanaf 2025 een volledig elektrische busvloot te hebben. Onzekerheid in de levering van onderdelen in de keten zorgt voor vertraging en/of afstel van deze plannen.
- Inbestedingen (GVB)
De Vervoerregio werkt aan een nieuwe, rechtstreeks aan GVB gegunde concessie voor het Amsterdamse openbaar vervoer. Omdat het opstellen van een langjarige concessie complex is, is de huidige concessie tijdelijk verlengd. GVB heeft een verbeterd voorstel ingediend, waarna de Vervoerregio en GVB intensief samenwerken om risico's te beheersen en de concessie goed voor te bereiden. Hierdoor neemt de kans op een succesvolle uitvoering toe.
- AMRI: kunstwerken
Dit zijn afspraken tussen de GVB en de VRA over bouwwerken in het verkeer, zoals het metro- en tramnetwerk.
Voor het metro- en tramnetwerk bestaat een financieel risico rond toekomstig groot onderhoud aan kunstwerken, zoals bruggen, viaducten en fly-overs. Hoewel op korte termijn geen grootschalig onderhoud is voorzien, kunnen de kosten hiervan aanzienlijk zijn. Daarnaast loopt nog een traject om de verantwoordelijkheden voor beheer en onderhoud tussen de gemeente Amsterdam en de Vervoerregio verder af te bakenen. De gemeente Amsterdam blijft verantwoordelijk voor de bekostiging van het beheer en onderhoud van onderdelen die buiten de Wet lokaal spoor vallen, waaronder metrostations..
- Stabiliteit & slagkracht vervoerbedrijven
De Vervoerregio blijft voor een goed functionerend openbaar vervoer afhankelijk van de prestaties van de vervoerders. De aanhoudende problemen bij EBS in Zaanstreek-Waterland, zoals rituitval en personeelstekorten, laten zien dat de continuïteit en kwaliteit van het vervoer onder druk kunnen staan. Daarnaast werkt de Vervoerregio aan een nieuwe concessie voor GVB. Om voldoende zekerheid te bieden voor de dienstverlening is de huidige concessie tijdelijk verlengd, terwijl wordt gewerkt aan een toekomstbestendige overeenkomst
- Publiekrechtelijk
Centraal Nautisch Beheer
(Bedragen x €1.000)Centraal Nautisch BeheerRechtsvorm:Gemeenschappelijke regeling - bedrijfsvoeringsorganisatie
Oprichtings-/publicatiedatum:18-03-1994Vestigingsplaats:AmsterdamToezichtsregime:middelOpenbaar belangHet Centraal Nautisch Beheer (CNB) heeft als doel het verkrijgen van eenheid in het beleid en de uitvoering van taken van gemeenten en het rijk die betrekking hebben op het scheepvaartverkeer binnen het Noordzeekanaalgebied. De regeling is ook bedoeld om een bijdrage te leveren aan het verbeteren van infrastructurele voorzieningen en de toegankelijkheid van de vaarweg.
Bestuurlijk belangWethouder Doeves-de Boer is lid van het bestuur, plaatsvervanger wethouder Onclin.
Stemverhouding: 15%Actualiteiten en risico'sInleiding
Het Centraal Nautisch Beheer (CNB) is een gemeenschappelijke regeling van de gemeenten Amsterdam, Zaanstad, Velsen en Beverwijk. Het CNB zorgt voor een veilige, vlotte en duurzame afwikkeling van het scheepvaartverkeer in het Noordzeekanaalgebied, waaronder de vaarwegen, sluizen en havens in de regio.
De uitvoering van deze taken is ondergebracht bij de Divisie Havenmeester van Port of Amsterdam. Deze organisatie begeleidt en coördineert het scheepvaartverkeer, houdt toezicht op de naleving van nautische regels en draagt bij aan de bereikbaarheid en veiligheid van een van de belangrijkste haven- en industriegebieden van Nederland. De Divisie Havenmeester (DHM) is een onderdeel van Port of Amsterdam en voert de nautische taken uit namens het CNB, het Rijk en de gemeente Amsterdam.
De directeur van het CNB is tevens het hoofd van de Divisie Havenmeester, waardoor er een sterke organisatorische koppeling bestaat.
Ontwikkelingen
Een belangrijke ontwikkeling is de uitbreiding van de verkeersbegeleiding op het Noordzeekanaalgebied van drie naar vier VTS (Vessel Traffic Service) -sectoren, waardoor het scheepvaartverkeer efficiënter en veiliger kan worden begeleid. De samenwerking tussen de havengemeenten Amsterdam, Zaanstad, Velsen en Beverwijk wordt voortgezet, waarbij de uitvoering plaatsvindt door de Divisie Havenmeester van Port of Amsterdam.
Begroting 2027
In de begroting staat dat de komende jaren de nadruk zal liggen op:
• verdere digitalisering van de scheepvaartafhandeling;
• verbetering van de bereikbaarheid van de haven en het sluizencomplex;
• versterking van de nautische veiligheid via een nieuwe datagedreven veiligheidsmonitor;
• vergroting van de weerbaarheid tegen onder andere criminaliteit en uitval van vitale infrastructuur;
• verduurzaming van de scheepvaart en voorbereiding op nieuwe brandstoffen zoals methanol, waterstof en ammoniak.
Daarnaast investeert het CNB in de doorontwikkeling van informatie- en planningssystemen, de aansluiting op het Maritiem Nationaal Single Window (MNSW) en nieuwe digitale toepassingen, waaronder drones.
Voor het Havenafvalstoffenplan wordt in 2027 gewerkt aan verdere digitalisering van meld- en afgifteprocessen en aan een actualisatie van het plan, zodat dit blijft aansluiten bij Europese en nationale ontwikkelingen
Samenwerkingsovereenkomst Zaanstad-CNB:
In 2026 dient er een nieuwe samenwerkingsovereenkomst gesloten te worden met betrekking tot de geleverde diensten voor Zaanstad. Het ligt in de lijn der verwachting dat de bijdrage voor deze dienst zal worden verhoogd van €11K naar ong. €15K.
Rechtsmatigheidsverantwoording:
Het CNB heeft BDO advies gevraagd rondom de rechtmatigheidsverantwoording. Het CNB is
een zeer kleine gemeenschappelijke regeling, alle taken rondom uitvoering zijn gemandateerd aan de PoA. Het risico op fouten in de rechtmatigheid is daardoor minimaal. Met de toezichthouder is afgestemd dat de omvang van de organisatie passend is bij het achterwege blijven van de rechtmatigheidsverantwoording. De raad heeft in de zienswijze gevraagd om de adviezen van het BDO advies op te volgen en nader uit te werken.
Risicoprofiel
Het risicoprofiel van de gemeenschappelijke regeling Centraal Nautisch Beheer Noordzeekanaalgebied is "gemiddeld" laag. Financieel draagt de gemeente Zaanstad nauwelijks bij in de gemeenschappelijke regeling. Het Havenbedrijf Amsterdam NV draagt het exploitatiesaldo. Zaanstad heeft 15% van de stemmen in het Algemeen Bestuur.
Financiële positie
In 2025 is door de PoA € 29,7 miljoen (begroot € 30,1 miljoen) aan de uitvoering van publieke taken uitgegeven. Voor 2027 bedraagt de begroting van het CNB met inbegrip van de gezamenlijke gemandateerde taken € 33,7 miljoen. Het saldo van de jaarrekening 2025 en de begroting 2027 komen nagenoeg voor rekening van de PoA Zaanstad draagt jaarlijks € 11.000,-- bij aan de uitvoering van de taken van het CNB, in het bijzonder aan de havenbeveiligingstaken (ISPS) en inspecties zeevaart op grond van de Regionale Havenverordening.
Risico's en beheersmaatregelen
Risico 1: Het CNB heeft geen eigen weerstandsvermogen.
De publieke taakuitoefening is door het CNB gemandateerd aan de Divisie Havenmeester van het Havenbedrijf Amsterdam NV. De governance-regels waaraan Havenbedrijf Amsterdam NV moet voldoen, onder andere die van solvabiliteit en liquiditeit, waarborgen dat onverwachte financiële tegenvallers de publieke taakuitoefening niet in gevaar brengen.
Beheersmaatregelen vanuit gemeente Zaanstad:
- Begroting en jaarrekening van de afgelopen drie jaren zijn beschikbaar.
- Zaanstad neemt deel aan het Bestuur van CNB. Minimaal twee keer per jaar is er een bestuursvergadering. De vaststelling van de begroting en jaarrekening vindt plaats in het Bestuur CNB. Alvorens de jaarstukken ter vaststelling voor te leggen, kunnen de gemeenteraden jaarlijks een zienswijze geven op de jaarstukken.
- Zaanstad participeert in het Beleidsoverleg van het CNB. Dat komt elke twee maanden bij elkaar.
- Voorstellen van Verbonden Partijen tot aanpassing van de statuten en gemeentelijke deelname worden altijd besproken met sector Strategie en Control.
Risico 2: Havenbedrijf Amsterdam NV hanteert een systeem van risicomanagement gebaseerd op Enterprise Risk Management (COSO-ERM).
Risico’s op verschillende deelgebieden zijn geïnventariseerd en geclassificeerd op basis van kans en mogelijke impact. Periodiek wordt deze inventarisatie herhaald om gewijzigde of nieuwe risico’s tijdig te kunnen onderkennen.
Beheersmaatregelen
- goed opgeleid personeel (regelmatige oefening en bijscholing, eigen simulator);
- up-to-date-systemen en technische infrastructuur tot heldere processen & procedurebeschrijvingen met duidelijke bevelstructuur;
- het onderhouden van nauwe contacten met belangrijke externe belanghebbenden zoals Rijkswaterstaat;
- periodieke evaluatie of de bestaande beheersmaatregelen nog afdoende zijn en of aanvullende maatregelen nodig zijn
- Publiekrechtelijk
Veiligheidsregio Zaanstreek Waterland
(Bedragen x €1.000)Veiligheidsregio Zaanstreek WaterlandRechtsvorm:Gemeenschappelijke regeling - openbaar lichaam
Oprichtings-/publicatiedatum:26 januari 2017Vestigingsplaats:ZaandamToezichtsregime:hoogOpenbaar belangDoor intergemeentelijke samenwerking uitvoering geven aan:
a. het inventariseren van risico’s van branden, rampen en crises;
b. het adviseren van het bevoegd gezag over risico’s van branden, rampen en crises in de bij of krachtens de wet aangewezen gevallen alsmede in de gevallen die in het beleidsplan zijn bepaald;
c. het adviseren van het college van B&W over de taak, bedoeld in artikel 3, eerste lid;
d. het voorbereiden op de bestrijding van branden en het organiseren van de rampenbestrijding en de crisisbeheersing;
e. het instellen en in stand houden van een brandweer;
f. het instellen en in stand houden van een GHOR;
g. het voorzien in de meldkamerfunctie;
h. het aanschaffen en beheren van gemeenschappelijk materieel;
i. het inrichten en in stand houden van de informatievoorziening binnen de diensten van de veiligheidsregio en tussen deze diensten en de andere diensten en organisaties die betrokken zijn bij de onder d, e, f, en g genoemde taken.
Bestuurlijk belangBurgemeester Hamming is voorzitter van het AB en DB, vervanging wethouder Van der Laan.
Stemverhouding: 14,3%Actualiteiten en risico'sInleiding
Veiligheidsregio Zaanstreek-Waterland (VRZW) is een verplichte gemeenschappelijke regeling van de gemeenten Edam-Volendam, Landsmeer, Oostzaan, Purmerend, Waterland, Wormerland en Zaanstad. De veiligheidsregio voert wettelijke taken uit op het gebied van brandweerzorg, crisisbeheersing, rampenbestrijding en geneeskundige hulpverlening. Door regionale samenwerking wordt de veiligheid van inwoners, bedrijven en bezoekers in de regio bevorderd en wordt slagvaardig opgetreden bij incidenten, rampen en crises.
Actualiteiten en risico's
De VrZW richt zich de komende jaren op vier strategische opgaven:
- versterking van de crisisbeheersing en maatschappelijke weerbaarheid,
- een toekomstbestendige brandweerzorg,
- een sterke en wendbare organisatie
- intensievere samenwerking met partners.
Daarbij wordt onder meer ingezet op betere voorbereiding op langdurige crises, voldoende brandweerparaatheid, verdere digitalisering en samenwerking met de GGD Zaanstreek-Waterland en andere veiligheidsregio's. Deze strategische opgaven staan verder uitgewerkt in het beleidsplan 2025-2028
GGD ZW verhuist naar het Prins Bernardplein
Een belangrijke ontwikkeling is de gezamenlijke huisvesting van GGD Zaanstreek-Waterland (GGD ZW) en Veiligheidsregio Zaanstreek-Waterland (VRZW). Vanaf september 2026 werken beide organisaties vanuit één locatie aan het Prins Bernhardplein in Zaandam.
Voornemen om toe te werken naar één organisatie
In 2026 hebben de besturen van GGD Zaanstreek-Waterland en Veiligheidsregio Zaanstreek-Waterland het voornemen uitgesproken om per 1 januari 2028 te fuseren tot één organisatie voor gezondheid en veiligheid. De gemeenteraden zijn gevraagd een zienswijze te geven op dit voornemen.
De VrZW zal samen met de GGD ZW de voorgenomen fusie verder voorbereiden in 2026/2027.
Vacaturestop
De Veiligheidsregio Zaanstreek-Waterland heeft vanwege financiële druk een tijdelijke vacaturestop ingesteld. Deze maatregel is onderdeel van een pakket om het begrotingstekort op te vangen zonder aanvullende bijdragen van de deelnemende gemeenten te vragen. In 2026 is de vacaturestop geëvalueerd en verlengd tot januari 2027. De maatregel leidt tot besparingen, maar vraagt tegelijkertijd extra flexibiliteit van de organisatie en kan ertoe leiden dat werkzaamheden later worden uitgevoerd.
Dekkingsplan
In 2026 is het nieuwe Regionaal Repressief Dekkingsplan 2026-2029 vastgesteld. De analyse laat zien dat de brandweerzorg in Zaanstreek-Waterland grotendeels voldoet aan de landelijke normen voor opkomsttijd, slagkracht en paraatheid. Tegelijkertijd blijft aandacht nodig voor de beschikbaarheid van vrijwilligers, de opleidingscapaciteit en de gevolgen van de financiële druk op de organisatie. De uitvoering van het dekkingsplan wordt jaarlijks gemonitord en kan aanleiding geven tot toekomstige bestuurlijke of financiële keuzes.
Financiële positie
Jaarrekening 2025
De jaarrekening 2025 sluit af met een positief resultaat van € 542.644. Hiervan betreft € 309.496 ontvangen rijksmiddelen voor de versterking van de crisisbeheersing die in 2025 nog niet zijn besteed. Na aftrek hiervan resteert een positief resultaat van € 233.148. De resultaatbestemming is als volgt:
- Een reserve van € 309.496 te vormen voor de nog niet bestede rijksmiddelen voor de versterking van de crisisbeheersing, zodat deze middelen beschikbaar blijven voor de afgesproken versterkingsopgave.
- Het resterende positieve resultaat van € 233.148 toe te voegen aan de algemene reserve ter versterking van de financiële weerbaarheid van de organisatie
Daarnaast wordt de bestemmingsreserves Wet normalisering rechtspositie ambtenaren (WNRA) en de Aanpassing huisvesting overgeheveld naar 2026.
Rechtmatigheidsverantwoording
Er zijn in 2025 geen onrechtmatigheden geconstateerd die boven de verantwoordingsgrens uitkomen. Ook zijn geen fouten bij Europese aanbestedingen vastgesteld. De administratieve processen worden als op orde beoordeeld.
VrZW heeft twee begrotingsafwijkingen vastgesteld. Eén op de overschrijding van de begrote lasten (€ 320.000) en één op het investeringskrediet (€ 5.000). Deze zijn als acceptabel aangemerkt en toegelicht in de jaarrekening 2025.
Begroting 2027
De gemeentelijke bijdrage stijgt door indexering met 3,06%.
Voor Zaanstad neemt de reguliere bijdrage toe van € 17,4 miljoen in 2026 naar € 17,9 miljoen in 2027.
Financieel staat VrZW voor een uitdaging. De organisatie presenteert voor 2027 en 2028 een tekort van circa € 1,0 miljoen per jaar. Dit tekort hangt vrijwel volledig samen met een nog niet toegekende rijksbijdrage voor de verplichte wijziging van het brandweerstelsel. VrZW gaat er vanuit dat deze bijdrage vanaf 2029 beschikbaar komt, waardoor de begroting vanaf dat jaar sluitend is.
Bijdrage voor de gebruikerslasten van de brandweerkazernes
Naast de reguliere bijdrage aan de Veiligheidsregio Zaanstreek-Waterland betaalt Zaanstad een afzonderlijke bijdrage voor de gebruikerslasten van de brandweerkazernes. Deze bijdrage maakt geen onderdeel uit van de reguliere gemeentelijke bijdrage in de gemeenschappelijke regeling en is gebaseerd op specifieke afspraken over het gebruik en beheer van de kazernes. Deze bedraagt € 0,7 miljoen.
Zienswijze op de begroting
De gemeenteraad van Zaanstad heeft, net als de overige deelnemende gemeenten, een zienswijze ingediend op de ontwerpbegroting 2027 van de Veiligheidsregio Zaanstreek-Waterland (VrZW). Daarbij is begrip uitgesproken voor het feit dat de eerder gevraagde besparing van 2% op de gemeentelijke bijdragen momenteel niet haalbaar is, gezien de financiële onzekerheden vanuit het Rijk. Tegelijkertijd is aandacht gevraagd voor een structureel sluitende begroting, het beheersen van stijgende investeringskosten en het uitwerken van scenario's voor het geval de verwachte rijksbijdrage voor de brandweerzorg uitblijft.
Het bestuur geeft aan te streven om in 2029 tot een structureel sluitende begroting te komen. Indien de verwachte rijksmiddelen structureel uitblijven, zal het bestuur opnieuw maar mogelijke besparing scenario’s kijken.
Daarnaast is in de gemeenteraden van onder andere Zaanstad een motie aangenomen waarin het college wordt opgeroepen in regionaal en landelijk verband aandacht te vragen voor een structurele, toereikende en voorspelbare financiering van de veiligheidsregio's
Bestuursrapportage 2026
De begroting 2026 kende aanvankelijk een tekort van € 1,6 miljoen, vooral door lagere rijksmiddelen (BDuR) en het uitblijven van een rijksbijdrage voor de wijziging van het brandweerstelsel. Door extra rijksmiddelen, besparingen en een vacaturestop is dit teruggebracht naar een tekort van € 0,53 miljoen, dat naar verwachting binnen de bestaande begroting wordt opgevangen. De verwachting is daardoor dat 2026 uiteindelijk met een neutraal resultaat wordt afgesloten
Risico's en beheersmaatregelen
Risico's
- Het regionaal risicoprofiel van de VrZW is een wettelijke verplichting vanuit de Wet veiligheidsregio’s. Het AB van de VrZW stelde in december 2024 het Regionaal Risicoprofiel 2025-2028 (RRP) vast. Het RRP is één van de pijlers onder het Regionaal Beleidsplan dat voor dezelfde periode 2025-2028 geldt. Daarnaast kan het RRP als input gebruikt worden bij de uitwerking van kolomspecifiek beleid waarbij specifieke risico’s nader worden uitgewerkt. Voorbeelden hiervan zijn het in 2025 door de GHOR op te stellen Zorgrisicoprofiel en het brandrisicoprofiel
- De dubbele rol van de gemeente Zaanstad in het Algemeen Bestuur in de rol van voorzitterschap en de rol van vertegenwoordiging van Gemeente Zaanstad kan leiden tot conflicterende belangen.
- Onvoldoende sturing op de exploitatie van de restcapaciteit van het oefencentrum voor commerciële activiteiten. De Veiligheidsregio Zaanstreek-Waterland is verantwoordelijk voor de uitvoering van de exploitatie van het oefencentrum, Gemeente Zaanstad kan hier beperkt op sturen, maar is wel financieel verantwoordelijk.
- VrZW heeft een beperkt eigen vermogen, verdere verslechtering leidt tot extra financiële lasten voor Zaanstad. Het is nog onduidelijk of er extra rijksmiddelen komen.
- Crisisbeheersing Bij het onderdeel bevolkingszorg is er bij de VrZW ook sprake van krapte aan personeel. Dit kan met name een risico vormen in het geval van langdurige crisissen. Momenteel loopt de discussie in hoeverre gemeenten dit deels kunnen opvangen.
- Het niet terugdraaien van de korting vanuit het Rijk op brede doeluitkering rampenbestrijding (BDuR)
- Toekomstbestendige brandweer, uitgangspunt is het extra middelen scenario. Dit scenario is momenteel onzeker. Voor Zaanstad kan dit oplopen tot € 0,3mln.
Beheersmaatregelen
- In samenwerking met de andere gemeenten in Zaanstreek-Waterland wordt het proces om te komen tot een integraal (ambtelijk) advies aan de burgemeesters in het veiligheidsbestuur op belangrijke financiële / beleidsvraagstukken gemonitord.
- De gemeenteraad wordt jaarlijks de mogelijkheid gegeven haar zienswijze te geven inzake de (meerjaren)programmabegroting van de VrZW. Daarnaast is de VrZW transparant met haar overige P&C producten zoals de bestuursrapportages en de jaarrekening.
- Per 1 oktober 2025 is er een vacaturestop voor 2025 en 2026.
- Publiekrechtelijk
Rekenkamer Amsterdam-Zaanstad
(Bedragen x €1.000)Rekenkamer Amsterdam-ZaanstadRechtsvorm:Gemeenschappelijke regeling - gemeenschappelijk orgaan
Oprichtings-/publicatiedatum:20 augustus 2015Vestigingsplaats:AmsterdamToezichtsregime:laagOpenbaar belangDeze regeling is aangegaan om gezamenlijk een rekenkamer in te stellen. Dit is wettelijk verplicht. Het betreft een gemeenschappelijk orgaan.
Bestuurlijk belangDe rekenkamer heeft één lid. Dit lid is tevens directeur. De raden benoemen het lid van de rekenkamer op voordracht van een afvaardiging van de raden door een gelijkluidend besluit. Geen afvaardiging van een collegelid in deze regeling.
Stemverhouding: nvtActualiteiten en risico'sOntwikkelingen
De Rekenkamer Amsterdam-Zaanstad is een gemeenschappelijke regeling van de gemeenten Amsterdam en Zaanstad. De rekenkamer ondersteunt de controlerende rol van de gemeenteraad door onafhankelijk onderzoek uit te voeren naar de doelmatigheid, doeltreffendheid en rechtmatigheid van gemeentelijk beleid en de uitvoering daarvan. Met haar onderzoeken draagt de rekenkamer bij aan een transparante, betrouwbare en lerende overheid en aan de versterking van de lokale democratie.
Belangrijkste ontwikkelingen 2027 en verder
- In 2024 is de gemeenschappelijke regeling aangepast aan de gewijzigde Wet gemeenschappelijke regelingen. Hierdoor zijn onder meer afspraken over begrotingswijzigingen en governance vereenvoudigd.
- De rekenkamer blijft werken vanuit haar beleidsvisie 2023-2028 en voert jaarlijks onderzoeksprogramma's uit voor zowel Amsterdam als Zaanstad. Daarbij is ruimte om onderzoeken aan te passen aan actuele maatschappelijke en bestuurlijke ontwikkelingen.
- De Wet versterking decentrale rekenkamers verplicht het college om jaarlijks aan de raad te rapporteren over de opvolging van aanbevelingen van de rekenkamer. Hierdoor krijgt de raad meer inzicht in de uitvoering van aanbevelingen uit rekenkameronderzoeken.
- In het kader van de Wet open overheid (Woo) werkt de rekenkamer verder aan actieve openbaarmaking van documenten en de vernieuwing van haar website.
Financiële ontwikkelingen
De gemeentelijke bijdrage van Zaanstad stijgt van € 259.080 in 2026 naar € 277.730 in 2027 als gevolg van indexatie van de loonkosten. De begroting 2027 is sluitend. De financiële positie van de rekenkamer blijft gezond, met een algemene reserve van circa € 346.000, waarmee wordt voldaan aan de eigen norm van 10% tot 15% van de jaarlijkse bijdragen.
Risico's
De risico's zijn beperkt. De exploitatie wordt structureel gedekt door de bijdragen van Amsterdam en Zaanstad. Het belangrijkste risico betreft een eventuele uittreding van een deelnemende gemeente, waarvoor afspraken zijn vastgelegd in de gemeenschappelijke regeling.
- Publiekrechtelijk
Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied
(Bedragen x €1.000)Omgevingsdienst NoordzeekanaalgebiedRechtsvorm:Gemeenschappelijke regeling - openbaar lichaam
Oprichtings-/publicatiedatum:17 december 2015Vestigingsplaats:ZaandamToezichtsregime:hoogOpenbaar belangDe regeling is getroffen ter ondersteuning van de colleges bij de uitvoering van hun taken op het gebied van het omgevingsrecht in het algemeen en de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht in het bijzonder, alsmede de taken op het terrein van vergunningverlening, handhaving en toezicht op grond van de in artikel 5.1 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht genoemde wetten. Voorts wordt de regeling getroffen ter behartiging van de taken voortvloeiend uit het Besluit risico's zware ongevallen 1999.
Sinds 1 januari 2024 zijn de Wabo en het Besluit risico’s zware ongevallen 1999 opgegaan in de Omgevingswet.
Bestuurlijk belangWethouder Onclin is lid van het Algemeen Bestuur, wethouder Groenewoud-Koers is plaatsvervangend ldi.
Er is sprake van duale aansturing waarbij de wethouder financiën invulling geeft aan de eigenaarsrol en het inhoudelijk opdrachtgeverschap is belegd bij de beleidsportefeuillehouder.
Stemverhouding: 9,8%Actualiteiten en risico'sInleiding
Omgevingsdienst Nzkg is een gemeenschappelijke regeling van door 8 gemeenten en 3 provincies en heeft als belangrijkste taak het leefbaar houden van het Noordzeekanaalgebied. De OD verleent vergunningen en houdt toezicht op bedrijven op het gebied van bodem, bouw en milieu. Voor Zaanstad is de OD betrokken bij het toezicht op industrie langs de Zaan en het Noordzeekanaal en ze stimuleren energiebesparing bij bedrijven.
Voor Zaanstad is de OD een belangrijke partner op het gebied van het bewaken van veiligheid, gezondheid en duurzaamheid.
Ontwikkelingen
De OD NZKG heeft te maken met een groeiende en complexere opgave door de verdere invoering van de Omgevingswet, veranderingen in wet- en regelgeving en toenemende maatschappelijke aandacht voor gezondheid, veiligheid en leefomgeving. De organisatie werkt daarom verder aan informatiegestuurd en datagedreven toezicht en aan de inzet van nieuwe technologieën. Ook is een eigen meetdienst opgericht voor emissiemetingen.
Daarnaast wordt gewerkt aan een nieuwe financieringssystematiek. Het doel hiervan is om de huidige systematiek eenvoudiger en transparanter te maken en beter aan te laten sluiten op de uitvoeringspraktijk onder de Omgevingswet. Eind 2026 wordt hierover een besluit verwacht. De nieuwe systematiek moet vanaf 2028 worden ingevoerd.
In 2026 is bovendien gestart met een voorverkenning naar de mogelijke meerwaarde van een fusie tussen Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied en Omgevingsdienst IJmond. Het Algemeen Bestuur heeft hierover een rapportage besproken en de eerste bevindingen en aandachtspunten in beeld gebracht.
Ook blijft aandacht nodig voor grote industriële dossiers in het Noordzeekanaalgebied, waaronder de ontwikkelingen rond Tata Steel en Groen Staal. Deze ontwikkelingen kunnen gevolgen hebben voor de inzet van toezicht, vergunningverlening en specialistische kennis binnen de organisatie.
Risicoprofiel
De belangrijkste risico's voor de OD NZKG hebben betrekking op veranderingen in wet- en regelgeving, de verdere invoering van de Omgevingswet, ontwikkelingen op de arbeidsmarkt en de beschikbaarheid van specialistische medewerkers. Daarnaast vormen economische ontwikkelingen, grote industriële dossiers zoals Groen Staal en veranderingen in de financieringssystematiek belangrijke aandachtspunten.
Uit de jaarrekening 2025 blijkt dat het totale risicobedrag is afgenomen ten opzichte van voorgaande jaren. Dit komt onder meer doordat uitvoeringsovereenkomsten voor 2026 zijn vastgesteld en bepaalde risico's rondom de financieringssystematiek zijn vervallen door de voorgenomen herziening daarvan.
Financieel beeld
Jaarrekening 2025
De jaarrekening 2025 sluit af met een positief resultaat van € 412.000.
Het AB heeft de algemeen directeur op 6 februari 2026 opdracht gegeven de herijking van de financiering en de evaluatie van het uniform uitvoeringsniveau (UUN) voor te bereiden en uit te voeren. Dit programma loopt vanaf 2026. De kosten worden deels gedekt uit een landelijke subsidie van ODNL, maar die is niet voldoende. Daarom wordt voorgesteld een bestemmingsreserve te vormen voor de programmakosten. Deze reserve is niet bedoeld voor eventuele herverdeeleffecten tussen opdrachtgevers. Het positieve resultaat over 2025 van € 412.000 aan wordt toegevoegd aan deze bestemmingsreserve.
De financiële positie van de organisatie blijft gezond. De solvabiliteitsratio bedraagt 26% en ligt daarmee boven de door de OD NZKG gehanteerde norm van minimaal 20%. Ook de netto schuldquote voldoet ruim aan de gestelde norm.
Rechtmatigheidsverantwoording
Het Dagelijks Bestuur heeft vastgesteld dat de omvang van de geconstateerde onrechtmatigheden in 2025 € 297.000 bedraagt. Dit blijft ruim onder de door het Algemeen Bestuur vastgestelde verantwoordingsgrens van € 1,789 miljoen. Op basis hiervan concludeert het bestuur dat de baten, lasten en balansmutaties rechtmatig tot stand zijn gekomen. Eventuele afwijkingen zijn toegelicht in de paragraaf bedrijfsvoering.
Begroting 2027
De begroting 2027 staat in het teken van de verdere uitvoering van de Omgevingswet, de uitbreiding van wettelijke taken en de doorontwikkeling van informatiegestuurd werken. Ook wordt rekening gehouden met een groei van werkzaamheden op het gebied van energiebesparing, milieuadvies en toezicht. De organisatie werkt daarnaast verder aan de voorbereiding van een nieuwe financieringssystematiek vanaf 2028.
In de bestuurlijke stukken wordt daarnaast aangegeven dat bij meerdere opdrachtgevers spanning bestaat tussen de beschikbare middelen en de financiering van de uitvoeringsovereenkomsten. Daarom werkt de OD NZKG ook aan voorstellen voor kostenreductie en een efficiëntere inrichting van de dienstverlening.
Zienswijze
Zaanstad heeft een positieve zienswijze afgegeven op de financiële documenten van de OD NZKG. Daarbij blijft aandacht bestaan voor een doelmatige uitvoering van de wettelijke taken, de beheersing van kosten en een goede aansluiting tussen de ontwikkeling van werkzaamheden en de beschikbare financiële middelen. Uit de bestuurlijke stukken blijkt dat de organisatie zich bewust is van deze aandachtspunten en werkt aan maatregelen om de dienstverlening en financiering toekomstbestendig te houden.
Risico’s en beheersmaatregelen
Risico’s
- Veranderingen in wet- en regelgeving, waaronder de verdere invoering van de Omgevingswet.
- Krapte op de arbeidsmarkt en de beschikbaarheid van specialistische medewerkers.
- Ontwikkelingen rond Tata Steel, Groen Staal en andere complexe industriële dossiers.
- Veranderingen in de financieringssystematiek en de bekostiging van werkzaamheden.
- Toenemende maatschappelijke aandacht voor gezondheid, luchtkwaliteit, emissies en veiligheid.
Beheersmaatregelen
- Actief risicomanagement via de planning- en controlcyclus en periodieke bestuurlijke rapportages.
- Investeringen in datagedreven werken, informatievoorziening en specialistische kennis.
- Doorontwikkeling van de financieringssystematiek om de organisatie toekomstbestendig te houden.
- Het aanhouden van voldoende weerstandscapaciteit binnen de door het Algemeen Bestuur vastgestelde bandbreedte van het weerstandsvermogen.
- Publiekrechtelijk
Gezamenlijke ombudsman metropool Amsterdam
(Bedragen x €1.000)Gezamenlijke ombudsman metropool AmsterdamRechtsvorm:Gemeenschappelijke regeling - gemeenschappelijk orgaan
Oprichtings-/publicatiedatum:7 februari 2017Vestigingsplaats:AmsterdamToezichtsregime:middelOpenbaar belangDeze regeling is aangegaan om op een effectieve en efficiënte wijze vorm en inhoud te geven aan de door de Gemeentewet aan de raad gegeven mogelijkheid om voor de behandeling van verzoekschriften een gezamenlijke ombudsman in te stellen. Het betreft een gemeenschappelijk orgaan.
Bestuurlijk belangOp grond van artikel 13 van de GROMA stelt de Ombudsman zelf jaarlijks de begroting voor het volgende kalenderjaar vast. De Ombudsman maakt werkafspraken met de deelnemers over de toezending van de conceptbegroting en het al of niet kunnen uitbrengen van zienswijzen.
De ombudsman stelt conform artikel 15 van de Gemeenschappelijke Regeling Ombudsman Metropool Amsterdam (GROMA) zijn jaarrekening vast na controle door de Auditdienst ACAM. Aan de gemeenteraad van Amsterdam wordt gevraagd positief te adviseren over de jaarrekening. De ombudsman voert ten minste jaarlijks overleg met een vertegenwoordiging van de raden.
Stemverhouding: nvtActualiteiten en risico'sDe Ombudsman Metropool Amsterdam (OMA) is een gemeenschappelijke regeling die onafhankelijke klachtbehandeling en onderzoek verzorgt voor inwoners en ondernemers van onder meer Amsterdam, Zaanstad, Almere, Amstelveen, Diemen, Landsmeer, Waterland, Ouder-Amstel, de Veiligheidsregio Amsterdam-Amstelland en de Vervoerregio Amsterdam. De ombudsman onderzoekt klachten over het handelen van de overheid en draagt met signalen en aanbevelingen bij aan een betrouwbare en toegankelijke overheid.
Belangrijkste ontwikkelingen 2027 en verder
De OMA blijft zich richten op laagdrempelige klachtbehandeling, bemiddeling en het signaleren van structurele knelpunten in de dienstverlening van aangesloten overheden.
De begroting 2027 is opgesteld volgens het BBV en bevat een meerjarenraming tot en met 2030.
In 2026 is een begrotingswijziging doorgevoerd waarbij de bijdragen van de deelnemende organisaties zijn aangepast op basis van indexering overeenkomstig de Gemeenschappelijke Regeling Ombudsman Metropool Amsterdam.
De ombudsman blijft investeren in een toegankelijke dienstverlening voor inwoners en in het delen van signalen die bijdragen aan verbetering van de gemeentelijke dienstverlening en rechtsbescherming.
Financiële ontwikkelingen
De totale begroting stijgt van € 3,28 miljoen in 2026 naar € 3,32 miljoen in 2027. De stijging wordt voornamelijk veroorzaakt door loon- en prijsindexatie en hogere huisvestingskosten als gevolg van de verhuizing naar een nieuw kantoor in het 3de kwartaal van 2026. De huisvestingslasten nemen toe van € 184.000 in 2026 tot ongeveer € 206.000 in 2027. Voor de komende jaren wordt uitgegaan van een structureel sluitende begroting.
Risico's
De financiële risico's zijn beperkt. De organisatie wordt hoofdzakelijk gefinancierd uit bijdragen van de aangesloten deelnemers. Hierdoor beschikt de ombudsvoorziening over een stabiele financiële basis voor de uitvoering van haar werkzaamheden.
- Publiekrechtelijk
Regionale samenwerking decentralisaties sociaal domein
(Bedragen x €1.000)Regionale samenwerking decentralisaties sociaal domeinRechtsvorm:Gemeenschappelijke regeling - regeling zonder meer
Oprichtings-/publicatiedatum:21 januari 2016Vestigingsplaats:ZaandamToezichtsregime:middelOpenbaar belangGezamenlijke inkoop en beleidsvoorbereiding en -uitvoering.
Bestuurlijk belangDeze lichte vorm van publieke samenwerking kent geen bestuur.
Stemverhouding: nvtActualiteiten en risico'sDe Wet verbetering beschikbaarheid jeugdzorg (Wvbj) is op 1 januari 2026 in werking getreden. De Wvbj vloeit voort uit de Hervormingsagenda jeugd 2023-2028.
Voorspecifieke onderdelen hebben gemeenten een jaar de tijd gekregen hier per 1 januari 2027 aan te voldoen. In de raadsinformatiebrief (10051169) informeerde het college de raad hierover,
De Wvbj vereist een gemeenschappelijke regeling (GR), die de juridische basis vormt voor samenwerking tussen de gemeenten in de regio op het vlak van specialistische jeugdhulp. De regiogemeenten stellen een centrumregeling voor. De conceptregeling wordt ter zienswijze voorgelegd aan de raden van de Zaanstreek-Waterland gemeentes in het derde of vierde kwartaal van 2026. Deze regeling vervangt deze regeling, de Regeling Zonder Meer.
- Publiekrechtelijk
Recreatieschap Twiske-Waterland
(Bedragen x €1.000)Recreatieschap Twiske-WaterlandRechtsvorm:Gemeenschappelijke regeling - openbaar lichaam
Oprichtings-/publicatiedatum:4-4-2013Vestigingsplaats:ZaanstadToezichtsregime:middelOpenbaar belangHet bevorderen van een evenwichtige ontwikkeling in de openluchtrecreatie - in samenhang met de vorenstaande Gemeenschappelijke Regelingen - tot stand brengen en bewaren van een evenwichtig natuurlijk milieu, het tot stand brengen en duurzaam in stand houden van het specifieke en gedifferentieerde karakter van het landschap door bescherming, ontwikkeling en consolidatie van de waarden die het in zich draagt.
Bestuurlijk belangWethouder Van 't Veer is lid van het AB, plaatsvervanging door wethouder Onclin.
Stemverhouding: 12,5%Actualiteiten en risico'sInleiding
Recreatieschap Twiske Waterland is een gemeenschappelijke regeling van de gemeenten Amsterdam, Wormerland, Edam-Volendam, Landsmeer, Oostzaan, Purmerend, Waterland en Zaanstad en Provincie Noord-Holland. Het recreatieschap heeft onder meer het bevorderen van evenwichtige ontwikkeling in de recreatie in samenhang met het tot stand brengen en bewaren van een evenwichtig natuurlijk milieu als doel. De werkzaamheden van het recreatieschap worden uitgevoerd door Recreatie Noord-Holland N.V., Provincie Noord-Holland is eigenaar van deze onderneming. Voor Zaanstad is het gebied een belangrijke recreatiemogelijkheid voor onze inwoners
Ontwikkelingen
In 2027 werkt Recreatieschap Twiske-Waterland verder aan het ontwikkelprogramma. Daarbij blijft de inzet gericht op een goede balans tussen natuur en recreatie. Het recreatieschap werkt aan meer biodiversiteit, betere spreiding van recreanten en een breder recreatief aanbod. Ook wordt het ontwikkelprogramma jaarlijks geactualiseerd, zodat nieuwe wensen en opgaven van deelnemers en gebiedspartners kunnen worden toegevoegd.
Een belangrijke ontwikkeling is de verdere ontwikkeling van Twiske-Poort als ontvangstgebied. Daarnaast wordt gekeken naar nieuwe voorzieningen, zoals een groene speelvoorziening en pluktuin in Amsterdam-Noord. Deze ontwikkelingen spelen in een context waarin de recreatiedruk toeneemt, terwijl de financiële middelen beperkt zijn.
Ook klimaatverandering, waterbeheer en waterkwaliteit vragen blijvende aandacht.
In de programmabegroting 2027 worden onder meer zwaardere stormen, verdroging en waterkwaliteit genoemd. Het recreatieschap werkt hiervoor samen met lokale partijen, andere terreinbeheerders en het hoogheemraadschap.
Verder loopt het onderzoek naar een mogelijke opname van het Jagersveld/Jagersplas in de gemeenschappelijke regeling Twiske-Waterland. Dit onderzoek komt voort uit een motie van de raad uit juli 2023. Uit de stukken blijkt dat opname kansen kan bieden voor recreatie, natuurontwikkeling, bereikbaarheid, promotie en kwaliteitsverbetering. Tegelijk zijn er nog financiële, bestuurlijke en juridische vragen, bijvoorbeeld over kostenverdeling, beheerniveau, zeggenschap van Zaanstad en voorwaarden van andere deelnemers.
Daarnaast wordt gewerkt aan een nieuwe governance-structuur voor het recreatieschap. In deze structuur krijgt de Ambtelijke Commissie een grotere en formelere rol. Het doel is om rollen en verantwoordelijkheden duidelijker te maken en besluiten beter voor te bereiden. Voor Zaanstad betekent dit dat bestuurlijke invloed goed moet worden voorbereid, maar ook dat meer ambtelijke inzet nodig kan zijn.
Risicoprofiel
Het risicoprofiel blijft vooral verbonden aan beheer, onderhoud, recreatiedruk, natuurwaarden en financiële ontwikkelingen. Het recreatieschap heeft te maken met stijgende kosten door indexatie en beheeropgaven.
Daarnaast blijft het op peil houden van reserves belangrijk. In de reactie op de zienswijze van Zaanstad wordt aangegeven dat het positieve financiële beeld helpt bij het opvangen van toekomstige risico’s en het borgen van regulier beheer en onderhoud.
Voor Zaanstad is het onderzoek naar Jagersveld/Jagersplas een specifiek aandachtspunt. De besluitvorming hierover kan gevolgen hebben voor financiën, beheer, zeggenschap en het gewenste kwaliteitsniveau van het gebied. Uit de stukken blijkt dat hierover nog nadere politieke afweging nodig is.
Financieel beeld
Jaarrekening 2025
De jaarrekening 2025 sluit af met een negatief resultaat van € 51.483. Dit is gunstiger dan begroot, omdat vooraf een negatief resultaat van € 181.793 was geraamd. Het verschil van € 130.310 positief komt vooral door hogere parkeeropbrengsten, hogere opbrengsten uit evenementen en extra huur- en overige opbrengsten. Ook zijn er op onderdelen lagere kosten gemaakt.
Het negatieve resultaat van € 51.483 wordt onttrokken aan de reserve. Daarmee heeft het resultaat een beperkt negatief effect op het eigen vermogen. Tegelijkertijd is het resultaat beter dan verwacht, waardoor het financiële beeld minder ongunstig is dan in de begroting was voorzien.
Rechtmatigheidsverantwoording
Het dagelijks bestuur is van mening dat de baten, lasten en balansmutaties in de jaarrekening 2025 rechtmatig tot stand zijn gekomen binnen de daarvoor gestelde grens. Er zijn geen afwijkingen vastgesteld boven de verantwoordingsgrens van € 83.948. In de paragraaf bedrijfsvoering is aanvullende informatie opgenomen over de financiële rechtmatigheid en over maatregelen om afwijkingen in de toekomst te voorkomen.
Begroting 2027
De programmabegroting 2027 sluit met een positief saldo van € 187.174. Dit positieve saldo bestaat uit een positief resultaat op de reguliere bedrijfsvoering en een negatief resultaat op incidentele werkzaamheden en projecten. De begroting 2027 is gebaseerd op de kadernota en de meerjarenraming 2026-2030 en is aangepast naar aanleiding van de begrotingswijziging 2026.
De totale lasten in de programmabegroting 2027 zijn lager dan in de begroting 2026 na wijziging. Dat komt vooral doordat enkele incidentele projecten in 2026 zijn afgerond en daardoor niet meer drukken op de begroting 2027. Tegelijk stijgen kosten door indexatie en hogere beheer- en onderhoudskosten, onder meer voor de Markermeerdijken.
De begrote baten zijn hoger dan in 2026. Dit komt vooral door indexering van de participantenbijdrage met 3,24% en door indexering van huren en pachten. Daar staat tegenover dat de verwachte subsidie in 2027 lager is dan in 2026, omdat het subsidieproject Landvasten Laag-Holland in 2026 wordt afgerond.
Zienswijze
Zaanstad heeft een positieve zienswijze gegeven op de jaarstukken 2025, de begrotingswijziging 2026 en de programmabegroting 2027. De financiële stukken hebben volgens de Zaanse besluitnota geen nieuwe financiële gevolgen voor Zaanstad, behalve de indexering van de jaarlijkse participantenbijdrage. Het financiële beeld wordt als overwegend positief beoordeeld, maar daarbij wordt ook benoemd dat dit deels wordt ondersteund door incidentele baten en de inzet van reserves.
Het bestuur van Recreatieschap Twiske-Waterland heeft de zienswijze van Zaanstad met waardering ontvangen. In de reactie staat dat het positieve financiële beeld helpt om toekomstige risico’s op te vangen en het reguliere beheer en onderhoud van het recreatiegebied te borgen. Ook staat daarin dat de financiële stukken geen nieuwe structurele financiële verplichtingen voor Zaanstad opleveren, anders dan de reguliere indexering van de participantenbijdrage.
Risico’s en beheersmaatregelen
- Toenemende recreatiedruk in het gebied, terwijl de middelen voor recreatieve voorzieningen beperkt zijn. Dit wordt in de begroting 2027 aangeduid als de recreatieparadox.
- Klimaatverandering en waterbeheer, waaronder zwaardere stormen, verdroging en de opgave rond waterkwaliteit.
- Financiële onzekerheid door stijgende kosten, indexatie en toekomstige beheer- en onderhoudsopgaven.
- Politiek en maatschappelijk gevoelige onderwerpen, zoals evenementen, festivals, parkeren, verkeersdruk, Natura 2000 en de balans tussen natuur en recreatie.
- Mogelijke opname van Jagersveld/Jagersplas in de gemeenschappelijke regeling, waarbij nog vragen spelen over kosten, zeggenschap, beheerniveau en juridische gevolgen.
Beheersmaatregelen
- Jaarlijkse actualisatie van het ontwikkelprogramma, zodat het bestuur gericht kan sturen op nieuwe wensen, projecten en opgaven.
- Samenwerking met lokale stakeholders, andere terreinbeheerders en het hoogheemraadschap bij opgaven rond klimaatadaptatie, waterbeheer en waterkwaliteit.
- Het op peil houden en versterken van reserves, zodat toekomstige risico’s en regulier beheer en onderhoud beter kunnen worden opgevangen.
- Verdere uitwerking van de governance-structuur, waarbij de Ambtelijke Commissie een grotere rol krijgt in de voorbereiding en aansturing.
- Nadere politieke en bestuurlijke afweging over Jagersveld/Jagersplas voordat verdere stappen worden gezet richting eventuele opname in de gemeenschappelijke regeling.
- Publiekrechtelijk
Participatiebedrijf Zaanstad Purmerend (Werkom)
(Bedragen x €1.000)Participatiebedrijf Zaanstad Purmerend (Werkom)Rechtsvorm:Gemeenschappelijke regeling - bedrijfsvoeringsorganisatie
Oprichtings-/publicatiedatum:01-01-2018Vestigingsplaats:PurmerendToezichtsregime:hoogOpenbaar belangDe gemeenschappelijke regeling is getroffen voor het doeltreffend en doelmatig uitvoeren of doen uitvoeren van de taken van de colleges voortkomend uit of samenhangend met de Participatiewet en de Wet sociale werkvoorziening.
Bestuurlijk belangPer 1 januari 2018 hebben de gemeenten Purmerend en Zaanstad samen het Participatiebedrijf opgericht om effectiever te zijn in de uitvoering van de Wet Sociale Werkvoorziening en de Participatiewet. Namens Zaanstad heeft wethouder Onclin zitting in het bestuur en wethouder Van 't Veer is waarnemer.
Er is sprake van duale aansturing waarbij de wethouder financiën invulling geeft aan de eigenaarsrol en het inhoudelijk opdrachtgeverschap is belegd bij de beleidsportefeuillehouder.
Stemverhouding: 50%Actualiteiten en risico'sInleiding
Werkom is een gemeenschappelijke regeling van de gemeenten Zaanstad en Purmerend. Werkom voert taken uit op het gebied van de Participatiewet en de Wet sociale werkvoorziening en ondersteunt inwoners bij het vinden, behouden en ontwikkelen van werk. Daarnaast biedt Werkom werk en begeleiding aan mensen die extra ondersteuning nodig hebben op de arbeidsmarkt. Voor Zaanstad is Werkom een belangrijke partner bij het vergroten van arbeidsparticipatie en zelfredzaamheid van inwoners.
Ontwikkelingen
- Werkom heeft een belangrijke rol in de opgave om zoveel mogelijk mensen naar werk te begeleiden. Door de invoering van de Participatiewet moet Werkom haar activiteiten steeds meer richten op het begeleiden naar werk bij reguliere werkgevers, terwijl ze ook (beschutte) werkgelegenheid blijft bieden aan mensen die beperkte/geen kansen hebben bij reguliere werkgevers. Het kabinet stelt vanaf 2025, voor 10 jaar, extra middelen ter beschikking voor een toekomstbestendige infrastructuur van de Werk Ontwikkel Bedrijven. Deze impulsmiddelen vanuit het Rijk dragen bij aan het financieel weerbaar en toekomstbestendig maken van werkontwikkelbedrijven. Werkom geeft hieraan invulling in haar strategisch plan 2027-2030.
- Sinds september 2025 voert Werkom in een pilot startgesprekken met inwonerd die een bijstandsuitkering hebben aangevraagd. Werkom bepaalt hierbij de afstand tot de arbeidsmarkt. De eerste resultaten zijn positief: de werkwijze draagt positief bij aan een gerichtere dienstverlening waarbij het voor inwoners aan het begin van het proces duidelijker is waar zij staan in het re-integratieproces.
Risicoprofiel
Het risicoprofiel is hoog. Het maatschappelijk belang is groot, het gaat om kwetsbare mensen. De financiële bijdrage van de gemeente is aanzienlijk.
Financiële positie
Jaarrekening 2025
Het financieel resultaat van Werkom over 2025 bedraagt € 71k positief en was beter dan begroot. Met name de kosten van de uitvoering van de Participatiewettaken waren lager doordat er minder Zaanse kandidaten in begeleiding waren. Door toepassing van de koepelvrijstelling heeft dit geleid tot een lagere bijdrage van de gemeenten van per saldo € 867k. Door de afrekening van de werkelijke kosten per gemeente, leidt dit gunstigere resultaat voor Zaanstad tot een terugbetaling (€ 1,3 mln).
Begroting 2027
De raad heeft op 1 juli 2026 een positieve zienswijze gegeven op de primaire begroting voor 2027 en de gewijzigde begroting 2026. Vanwege de financiële uitdagingen waar de gemeente voor staat, heeft de raad Werkom gevraagd om terughoudend om te gaan met het aangaan van nieuwe verplichtingen en het uitvoeren van nieuw beleid, en rekening te houden met een eventuele korting op de gemeentelijke bijdrage en daartoe de nodige voorbereidingen te treffen. Werkom heeft in haar reactie op het zienswijzebesluit aangegeven de financiële ontwikkelingen van de deelnemende gemeenten te betrekken bij de verdere uitwerking van toekomstige begrotingen en meerjarenramingen.
De begroting 2027 is sluitend met een verhoging van de gemeentelijke bijdrage. Deze verhoging past binnen het Zaanse Participatiebudget.
Risico's en beheersmaatregelen
Risico's
In de Werkom-begroting zijn de volgende risico’s benoemd in de risicoparagraaf:
- Afnemende verdiencapaciteit als gevolg van een afnemende WSW-populatie. Er is wel instroom medewerkers Beschut Werk, maar de loonwaarde bepaling ligt hier lager.
- Onvoldoende financiering van het rijk voor de uitvoering van de Participatiewet in combinatie met de autonome groei van het aantal arbeidsplaatsen voor medewerkers Beschut Werk en het ‘ravijnjaar’ in 2026.
- Ondanks alle inspanningen van Werkom gericht op privacy en informatiebeveiliging, blijft het risico bestaan op een hack of andere activiteiten van cybercriminelen.
Beheersmaatregelen
- Werkom werkt aan het opvangen van de krimp van medewerkers met een SW-indicatie binnen de leerwerkbedrijven en acquisitie van opdrachten die passen bij de doelgroep.
- In de Werkom begroting wordt rekening gehouden met de verwachte groei van het aantal beschut werk-indicaties.
- Werkom werkt aan goede meerjarige afspraken en stabiele relaties met afnemers.
- Werkom heeft een chief information security officer (CISO) voor de informatiebeveiliging en een externe functionaris gegevensbescherming (FG), die jaarlijks rapporteren over risico’s en ondernomen of te ondernemen verbeteringen.
Privaatrechtelijk
- Privaatrechtelijk
NV HVC
(Bedragen x €1.000)NV HVCRechtsvorm:Naamloze vennootschap
Oprichtings-/publicatiedatum:2 januari 1991Vestigingsplaats:AlkmaarToezichtsregime:hoogOpenbaar belangDe HVC heeft als doel het zeker stellen dat tegen de laagste kosten en op verantwoorde wijze het Zaanse rest-, grof- en gft-afval wordt verwerkt.
Bestuurlijk belangWethouder Onclin vertegenwoordigt de gemeente in de AvA, plaatsvervanging Doeves-de Boer
Stemverhouding: 6,25% aandelen AActualiteiten en risico'sInleiding
HVC is een publiek afval- en energiebedrijf waarvan de gemeente Zaanstad aandeelhouder is. Daarnaast heeft Zaanstad met HVC een dienstverleningsovereenkomst voor de inzameling en verwerking van huishoudelijk afval. Daarmee heeft de gemeente een dubbele relatie met HVC: als aandeelhouder is zij betrokken bij de strategie en het toezicht op de onderneming, en als opdrachtgever maakt zij afspraken over de uitvoering van de afvaldienstverlening. Via deze samenwerking wordt bijgedragen aan de gemeentelijke doelen op het gebied van afval, circulariteit en de energietransitie
Ontwikkelingen
Op 4 juni 2026 vond de Algemene Vergadering van Aandeelhouders (AvA) plaats
De aandeelhouders hebben een besluit genomen op de volgende onderwerpen:
- Jaarrekening 2025, zie verder voor toelichting financiële positie
- Het verlenen van decharge aan het bestuur voor het gevoerde beleid en de raad van commissarissen (RvC) over het gehouden toezicht over boekjaar 2025
- Herbenoeming van en lid van de RvC
De aandeelhouders hebben kennis genomen van de volgende onderwerpen:
- Rapportage Algemene Ontwikkelingen en update contextanalyse
Algemene ontwikkelingen / contextanalyse
HVC en de Wcw
Sinds de vorige context analyse is het nu duidelijker geworden hoe warmtebedrijven er onder de Wcw uit komen te zien. Voor HVC biedt de Wcw meer zekerheid om te investeren in infrastructuur, bronnen en uitbreiding van bestaande netten. De wet stuurt op een publiek meerderheidsbelang in warmtenetten, introduceert een nieuw tariefstelsel en creëert een stabieler speelveld waarin langjarige investeringen beter kunnen worden terugverdiend. Ook maakt de wet het eenvoudiger om samen met gemeenten strategische keuzes te maken over duurzame bronnen, zoals geothermie, aquathermie of restwarmte
HVC en netcongestie
Ontwikkeling met de vorige contextanalyse is dat netcongestie niet slechts meer als uitdaging wordt gezien, maar vormt het één van de belangrijkste obstakels voor nieuwe projecten, daar in veel regio’s aansluit-capaciteit niet tijdig kan worden gegarandeerd. Dit kan leiden tot vertraging of aangepaste fasering. HVC doet actief onderzoek naar alternatieve oplossingen voor netwerkbeperkingen, zoals tijdelijke opslag, vraagsturing of bijvoorbeeld cable pooling afspraken.
Update verbrandingsbelasting en CO2-heffing
De verbrandingsbelasting voor het verbranden van restafval stijgt en de vrijstelling van de CO2-heffing loopt af. Dit zijn 2 landelijke ontwikkelingen die maken dat de kosten voor het inzamelen en verwerken van restafval de komende jaren substantieel zullen stijgen. Voor HVC betekent dit een stijging in de kosten aan de verwerkingskant die doorbelast zal worden naar de aandeelhouders. Voor de gemeente Zaanstad maken deze ontwikkelingen dat het de komende jaren steeds belangrijker wordt om in te zetten op het voorkomen van het ontstaan van afval en het afval wat er is, beter te scheiden.
DVO
In de raadsinformatiebrief 9845873 is de gemeenteraad eind 2025 geïnformeerd over de verlenging van de dienstverleningsovereenkomst HVC met 7 jaar, miv 1 januari 2027. Op basis van de positieve evaluatie in juli 2025, heeft het college besloten de DVO stilzwijgend te verlengen.
Rechtszaak AVR en Attero
AVR en Attero zijn een rechtszaak gestart tegen HVC en de gemeenten Utrecht en Nieuwegein. Deze gemeenten willen aandeelhouder worden van HVC en hun afval laten verwerken door HVC. AVR en Attero vinden dat hiervoor eerst een aanbesteding had moeten plaatsvinden. Ze vinden dat er niet aan de voorwaarden van quasi-inbesteding wordt voldaan.
HVC en de betrokken gemeenten hebben vertrouwen in de uitkomst van de zaak. Op dit moment heeft de procedure geen directe gevolgen voor Zaanstad. De gemeente volgt de ontwikkelingen wel, omdat de uitspraak mogelijk gevolgen kan hebben voor de samenwerking tussen gemeenten en publieke afvalbedrijven in de toekomst.
Financiële positie
Jaarrekening 2025
HVC heeft over 2025 een nettoresultaat behaald van € 20,3 miljoen, € 4,1 miljoen minder dan in 2024. De opbrengsten zijn gestegen naar € 593 mln. (2024: € 569 mln.), maar worden nadelig beïnvloed door een daling van de energieprijzen ten opzichte van voorliggende jaren. Daarnaast zijn de bedrijfslasten met € 37,8 miljoen gestegen naar € 564,9 mln. Onderstaande opsomming verklaart de belangrijkste verschillen:
- De externe kosten van HVC zijn in 2025 met € 20,3 miljoen gestegen. Dit komt vooral door hogere kosten voor afvalverwerking, onder meer doordat de hoeveelheid afval uit Zaanstad is toegenomen. Ook zijn de transportkosten hierdoor gestegen. Daarnaast hebben enkele incidenten, zoals een brand en een stroomuitval, geleid tot extra verwerkings- en onderhoudskosten. Verder zijn de personeelskosten voor ingehuurde medewerkers toegenomen vanwege de groei van de organisatie.
- De lonen, salarissen en sociale lasten zijn met € 12,4 miljoen gestegen als gevolg van de groei in FTE’s, CAO-stijging en het toekennen van reguliere periodieken. De groei van personeel hangt met name samen met nieuw afgesloten dienstverleningsovereenkomsten.
- De afschrijvingen stijgen als gevolg van de ingebruikname van diverse uitbreidingsinvesteringen
Door de toevoeging van het resultaat aan het eigen vermogen, stijgt de solvabiliteit naar 21,5% (2024: 21,4%).
De garantstellingsprovisie over 2026 voor gemeente Zaanstad bedraagt € 0,41 mln, wat aansluit bij het bedrag dat opgenomen is op de begroting.
Risico’s en beheersmaatregelen
Risico's
- Veiligheid, betrouwbaarheid en continuïteit van de installaties.
Incidenten (kunnen) leiden tot uitval, letsel en discontinuïteit van processen. Een adequaat onderhoudsprogramma is een randvoorwaarde voor veilige, betrouwbare installaties. Daarnaast is het uitgangspunt van HVC dat de installaties binnen de vigerende milieunormen presteren.
- Volatiliteit prijzen commodity's, kostprijzen grondstof/transport en levering materieel
Na de extremen van 2022, zijn de energieprijzen weer enigszins gestabiliseerd. Toch blijven de risico's op veranderingen in energieprijzen gezien de geopolitieke omstandigheden hoog.
- Klimaatrisico
HVC is zich zeer bewust van de eigen rol in verduurzaming en klimaatverandering. In relatie tot de eigen doelen en ambities op die vlakken wordt vooral het element tijd als een bedreiging gezien.
- Financiële risico’s
Renterisico, prijsrisico, kredietrisico en liquiditeitsrisico
Beheersmaatregelen
- Annotaties van de agenda van de Algemene Vergadering van Aandeelhouders in het college van B&W
- Ambtelijk overleg met verschillende klankbordgroepen (zowel financiële als beleidsmatige) met de overige aandeelhouders van HVC.
- De HVC informeert de aandeelhouders vooraf en achteraf over de AvA door middel van een vooruitblik en terugblik. Deze informatie wordt door het college actief gedeeld met de raad op het RIS
- Op basis van de nota financieringen 2025 vraagt het college een zienswijze van de raad bij het verstrekken van leningen of borgstellingen van de bedrag groter dan € 1 miljoen. Hierbij geldt dat een aanvulling op de lening of borgstelling als een nieuwe situatie wordt beschouwd als dit zich voordoet vier jaar na de oorspronkelijke besluitvorming.
- Privaatrechtelijk
InWest Regio B.V.
(Bedragen x €1.000)InWest Regio B.V.Rechtsvorm:Besloten Vennootschap
Oprichtings-/publicatiedatum:7 oktober 2021Vestigingsplaats:HaarlemToezichtsregime:middelOpenbaar belangDeelname van Zaanstad aan InWest Regio B.V. en ROM InWest B.V. draagt bij aan het versneld mogelijk maken van de grote opgave op het gebied van klimaat, duurzaamheid en circulariteit.
Bestuurlijk belangInWest Regio heeft 23 aandeelhouders. Gemeente Zaanstad is houder van 4,6% van de aandelen. Wethouder Onclin vertegenwoordigt de gemeente in de AvA, plaatsvervanging wethouder Karst
Er is sprake van duale aansturing waarbij de wethouder financiën invulling geeft aan de eigenaarsrol en het inhoudelijk opdrachtgeverschap is belegd bij de beleidsportefeuillehouder.
Stemverhouding: 4,6%Actualiteiten en risico'sInleiding
Gemeente Zaanstad is aandeelhouder van zowel InWest Regio als ROM InWest. Door een wijziging van de organisatiestructuur in 2024 heeft Zaanstad rechtstreeks aandelen in beide vennootschappen gekregen. Deze wijziging was nodig om een fiscale eenheid voor de btw mogelijk te maken. In deze paragraaf worden InWest Regio en ROM InWest vanwege hun nauwe samenhang als één verbonden partij toegelicht.
ROM InWest is de regionale ontwikkelingsmaatschappij (ROM) voor Noord-Holland. De organisatie is in 2021 opgericht en maakt deel uit van het landelijke netwerk van regionale ontwikkelingsmaatschappijen. De aandelen zijn in handen van gemeentes in Noord-Holland, provincie Noord-Holland en het Rijk. Gemeente Zaanstad is sinds 1 januari 2023 aandeelhouder van InWest Regio B.V. en bezit 4,6% van de aandelen.
Voor Zaanstad biedt de deelneming de mogelijkheid om invloed uit te oefenen op de regionale economische ontwikkeling en om samen met andere overheden en partners te investeren in de grote maatschappelijke opgaven op het gebied van duurzaamheid, innovatie en werkgelegenheid.
Ontwikkelingen
Op 28 mei 2026 vond de Algemene Vergadering van Aandeelhouders (AvA) plaats. In de raadsinformatiebrief (10389454 ) informeerde het college de raad hierover. De AvA besloot o.a over de jaarrekening 2025, het Meerjaren Strategisch Beleidsplan 2027-2029 en de wijziging van de investeringsreglementen en de statuten. Over de financiële gevolgen van het Meerjaren Strategisch Beleidsplan 2027-2029 is nog geen besluit genomen. In de AvA van november 2026 legt het bestuur de begroting van het Meerjaren Strategisch Beleidsplan 2027-2029 aan de aandeelhouders ter besluitvorming voor.
Op 8 september vond een Buitengewone Algemene Vergadering van Aandeelhouders (AvA) plaats
ROM InWest stelt voor om bij een investering af te wijken van de eis dat minimaal 25% van de financiering wordt ingebracht door een private investeerder. De totale investering bedraag € 30 mln, waarvan ROM InWest € 5 mln financiert. De investeringscommissie (IC) adviseert positief over deze investering zonder aanvullende voorwaarden. Wel doet IC aanbevelingen die door ROM InWest worden opgepakt.
Risicoprofiel
In de risicoweging komt InWest Regio B.V. uit op "midden". De financiële risico's zijn beperkt vanwege de gevormde voorziening van € 1,5 miljoen zoals afgesproken met de raad.
Financiële positie
Jaarrekening 2025
InWest Regio en ROM inWest maakten opnieuw verlies in 2025. De dochtermaatschappijen MKB fonds en het Transitiefonds laten dit verlies zien. Dochtermaatschappij COLNH B.V. (COLNH) is de enige met een positief resultaat, het positief resultaat betreft een eenmalige bate. COLNH handelt de Corona Overbruggingsleningen voor Noord-Holland af. COLNH heeft de leningportefeuille om niet verkregen van het Ministerie van Economische Zaken.
Positieve resultaten voor de andere entiteiten komen pas later in de resultaten terug door de hantering van het voorzichtigheidsprincipe. Dit is een werkwijze die andere ROMs ook gebruiken. De kosten in de eerste jaren groeien door acquisitie en beheerskosten, de baten volgen later.
Zie verder ook het jaarverslag ROM InWest 2025 ROM_InWest-jaarverslag-2025-16-april.pdf
Risico’s en beheersmaatregelen
ROM InWest werkt met een intern risicobeheersingssysteem om risico’s bij het uitvoeren van haar strategie en doelstellingen te beheersen. De organisatie heeft haar risicomanagement in 2025 verder geprofessionaliseerd, onder andere door het opstellen van een “risk taxonomy framework” en het uitvoeren van een strategische risicoanalyse. Het framework deelt risico’s in categorieën in, zoals strategisch, financieel, operationeel en rapportagerisico’s.
ROM InWest accepteert relatief hoge risico’s bij investeringen om innovatie te stimuleren, maar hanteert een lage risicobereidheid voor zaken als fraude, compliance en rapportage.
Belangrijke risico’s zijn onder meer politieke besluitvorming, waardeveranderingen van investeringen, financiering van operationele kosten, rendement, veranderprocessen en cybersecurity. Beheersmaatregelen zijn onder andere: het opstellen van een meerjarenplan, strakke monitoring, kostenbewustzijn en het versterken van interne processen. Het bestuur en de Raad van Commissarissen houden actief toezicht op de beheersing van deze risico’s
Gemeente Zaanstad ziet aanvullend hierop de volgende risico’s
- Opgaven van gemeente Zaanstad worden nog niet gehaald omdat ROM InWest nog onvoldoende bekend is bij ondernemers in gemeente Zaanstad.
Beheersmaatregel: gemeente Zaanstad is hierover met ROM InWest in gesprek hoe dit beter kan
- ROM InWest maakt langer verliezen, waardoor er op termijn een financiële bijdrage aan de aandeelhouders wordt gevraagd en/of de deelneming minder waard wordt.
Beheersmaatregel:- Gemeente Zaanstad blijft als aandeelhouder kritisch meekijken op begroting en strategisch plan van ROM InWest
- Risicoreservering van € 1,5 miljoen
- Privaatrechtelijk
Vereniging Nederlandse Gemeenten
(Bedragen x €1.000)Vereniging Nederlandse GemeentenRechtsvorm:Vereniging
Oprichtings-/publicatiedatum:28-2-1912Vestigingsplaats:Den HaagToezichtsregime:middelOpenbaar belangDe Vereniging van Nederlandse Gemeenten zijn de 342 gemeenten (per 1-1-2023) samen, ondersteund door de VNG-organisatie. De VNG heeft als doel om de lokale overheid te versterken en de lokale democratie te vitaliseren. De gemeenten werken, via de VNG, met elkaar aan maatschappelijke opgaven.
Bestuurlijk belangZaanstad heeft 75 stemmen in de Algemene Ledenvergadering. Elke gemeente die lid is van de vereniging, brengt door tussenkomst van haar vertegenwoordiger zoveel stemmen uit als het aantal veelvouden van één duizend (1.000) inwoners dat de bevolking van de door haar gerepresenteerde gemeente telt, met dien verstande dat zij tenminste één en ten hoogste vijfenzeventig (75) stemmen uitbrengt.
Stemverhouding: 0,89%Actualiteiten en risico'sOntwikkelingen
In de Algemene Ledenvergadering is vanwege de gemeenteraadsverkiezingen van maart 2026 uitgesteld van juni naar 30 september 2026. Op de agenda staan o.a.:
- jaarrekening 2025
- kadernota en begroting 2027
- asiel en migratiebeleid
- ontwikkelingen sociaal domein
- digitalisering
- aanvullende vormen van huisvesting, woningbouw
- contractstandaarden WMO hulpmiddelen
Financiële positie
Jaarrekening 2025
De jaarrekening staat geagendeerd voor de ALV van 30 september. In de jaarrekening worde de volgende ontwikkelingen genoemd:
- Meer inzet op woningbouw, klimaat, energietransitie en bestaanszekerheid.
- Voortzetting van ondersteuning aan gemeenten bij de Omgevingswet.
- Verdere ontwikkeling van digitale dienstverlening, cybersecurity en AI.
- Meer extern gefinancierde projecten vanuit het Rijk en het gemeentelijk uitvoeringsprogramma (GGU).
- Organisatieontwikkeling naar één VNG om gemeenten beter te ondersteunen.
De samenstelling van de baten en lasten van de VNG
De Vereniging streeft in haar begroting naar een volledige dekking van de kernorganisatie uit de contributie. Naast de contributie en de inzet van het eigen vermogen zijn er ook andere bronnen waaruit de kosten van de organisatie als geheel worden gedekt. Ook subsidies en bijdragen uit het Fonds GGU vormen een wezenlijke bron van inkomsten.
Financieel resultaat 2025
De VNG sloot 2025 af met een positief resultaat van € 2,6 miljoen (na resultaatbestemming). Het resultaat valt aanzienlijk gunstiger uit dan begroot, vooral door hogere projectinkomsten, positieve beleggingsopbrengsten en positieve resultaten van de deelnemingen. Het bestuur stelt voor het resultaat toe te voegen aan de algemene reserves. De ALV besluit hierover bij de vaststelling van de jaarrekening eind september.
Contributie 2026
Tijdens de ALV 2018 hebben de leden ingestemd met de uitgangspunten voor de meerjarige ontwikkeling van de contributie. Daarbij is afgesproken om de VNG-begroting weer in evenwicht te brengen door een combinatie van geleidelijke contributieverhoging en het inzetten van het vermogen van de VNG. Binnen dit uitgangspunt beweegt de contributie op basis van twee componenten:
- Compensatie voor de loon- en prijsontwikkeling op basis van CPB-indexcijfers
- 1,0% voor de groei naar volledige dekking van de kosten van de kernorganisatie van de VNG vanuit de contributie.
Voor 2026 betekent dit een verhoging van de bijdrage met 2,1%. De ingroei van 1% neemt de VNG zelf voor haar rekening. De systematiek voor 2027 wijzigt niet.
Kadernota en begroting 2027
De VNG richt zich in 2027 op ondersteuning van gemeenten bij maatschappelijke opgaven zoals woningbouw, bestaanszekerheid, klimaat, de Omgevingswet en digitale transformatie. Via de GGU-begroting wordt geïnvesteerd in gezamenlijke voorzieningen op het gebied van dienstverlening, digitalisering, informatiebeveiliging en gegevensuitwisseling. De ALV besluit hierover op 30 september 2026 bij de behandeling van de Kadernota en GGU-begroting 2027.
Risico’s en beheersmaatregelen
- Projecten namens derden worden mede uitgevoerd door medewerkers met een vaste aanstelling. Risico bij het wegvallen van projecten is dat er onvoldoende dekking is voor de salarislasten en eventueel kosten voor afvloeiing van projectmedewerkers. Om de risico’s te beheersen worden alleen die projecten begroot die zeker zullen worden gerealiseerd. Voorts wordt voor de uitvoering van projecten zo veel mogelijk gewerkt met personeel dat flexibel over de projecten ingezet kan worden.
- Risico van een fictief dienstverband bij inhuur. Risicobeheersing vindt hier plaats door vooraf de opdrachtformulering helder en duidelijk neer te zetten en te toetsen. Inkoop Service Desk ondersteunt en bewaakt het inkoopproces.
- Risico dat achteraf het subsidiebedrag naar beneden wordt bijgesteld als de Vereniging niet aan de subsidievoorwaarden heeft voldaan, terwijl de lasten wel zijn gemaakt. Dit risico wordt onder meer beperkt door periodiek te monitoren of de gemaakte lasten binnen het toegekende budget vallen en een strikt tijdschrijfbeleid te handhaven zodat projecturen na afloop te verantwoorden zijn.
- Als indirect 100% aandeelhouder deelt de Vereniging in de resultaatseffecten als gevolg van de ondernemingsrisico’s van de deelnemingen. Mitigeren van het risico door sinds 2019 het resultaat van de deelnemingen niet meer mee te nemen in de begroting.
- Koersrisico over het belegd vermogen. Het risico op een negatief effect op het vermogen wordt beperkt door het aanbrengen van spreiding in de portefeuille. Er is gekozen voor een middellange beleggingsstrategie. Door het hanteren van een herwaarderingsreserve worden ongerealiseerde koersresultaten niet in het resultaat betrokken.
- VNG is eigen risicodrager voor de WW- en Bovenwettelijk WW rechten van de oud-medewerkers. Voor alle opgebouwde rechten wordt op het moment dat het recht zich voordoet een voorziening gevormd. Om eventuele opbouw van nieuwe rechten te beperken, werkt VNG voor een deel met tijdelijke contracten, indien het om tijdelijk werk en een tijdelijke financiering gaat.
- Privaatrechtelijk
Warmtenetwerk Zaanstad (WNZ)
(Bedragen x €1.000)Warmtenetwerk Zaanstad (WNZ)Rechtsvorm:BV
Oprichtings-/publicatiedatum:01-01-2019Vestigingsplaats:ZaandamToezichtsregime:hoogOpenbaar belangHet op gang brengen van de transitie naar een aardgasloze gebouwde omgeving. De legitimering van een overheidsinterventie op basis van marktfalen is hier van toepassing op de casus warmtenet in Zaandam-Oost. Het doel is (duurzame) warmtelevering aan (potentiële) afnemers van warmte mogelijk te maken. Op dit moment transporteert WNZ de warmte van de biomassacentrale naar afnemers in Zaandam Oost
Bestuurlijk belangWethouder Onclin vertegenwoordigt de gemeente in de AvA, plaatsvervanging wethouder Groenewoud-Koers
Gemeente Zaanstad is samen met Duurzame Energienetwerken Noord-Holland (DEN-NH) eigenaar van het Warmtenetwerk Zaanstad BV. Gemeente Zaanstad heeft een belang van 39% in de Aandelen (uitsluitend stemgerechtigd), alsmede een belang van 100% in de Aandelen C (stemrechtloos).
Er is sprake van duale aansturing waarbij de wethouder financiën invulling geeft aan de eigenaarsrol en het inhoudelijk opdrachtgeverschap is belegd bij de beleidsportefeuillehouder.
Stemverhouding: 39,0%Actualiteiten en risico'sInleiding
Warmtenetwerk Zaanstad (WNZ) is een bedrijf waarin de gemeente Zaanstad aandeelhouder is. WNZ ontwikkelt en beheert warmtenetten waarmee woningen en gebouwen duurzaam kunnen worden verwarmd. Het bedrijf speelt een belangrijke rol bij het behalen van de klimaatdoelen van de gemeente. Als aandeelhouder kan de gemeente meebeslissen over belangrijke ontwikkelingen en keuzes binnen WNZ.
Ontwikkelingen
Op 7 mei 2026 vond de Algemene Vergadering van Aandeelhouders (AvA) plaats
De aandeelhouders hebben een besluit genomen op de volgende onderwerpen:
- Jaarrekening 2025, zie verder voor toelichting financiële positie
- Het verlenen van decharge aan het bestuur voor het gevoerde beleid en de raad van commissarissen (RvC) over het gehouden toezicht over boekjaar 2025
- Vaststellen van de gewijzigde statuten. De wijziging had vooral betrekking op de instelling van een Raad van Commissarissen (RvC)
- Benoeming van de leden van de RvC
De aandeelhouders hebben kennisgenomen van de volgende onderwerpen:
- Stand van zaken rond het groeiplan van WNZ. Het groeiplan was nog niet gereed voor besluitvorming
WNZ werkt aan twee ontwikkelsporen:
- Het eerste spoor richt zich op de groeiambitie van WNZ. De ontwikkeling van dit Masterplan wordt momenteel gezamenlijk opgepakt met de gemeente. In een later stadium worden tevens woningcorporaties, warmteproducenten en grote warmteafnemers betrokken. Het streven is om het Masterplan begin 2027 gereed te hebben.
- Het tweede spoor betreft de doorontwikkeling tot een Publiek Integraal Warmtebedrijf (PIW). Hiervoor zijn verschillende scenario's denkbaar, elk met eigen afhankelijkheden, voorwaarden en consequenties. Deze scenario's worden momenteel nader uitgewerkt en geanalyseerd
WNZ plant de volgende AvA in december 2026.
In 2026 heeft WNZ een Raad van Commissarissen ingesteld
De RvC houdt onafhankelijk toezicht op het bestuur en adviseert over belangrijke strategische en financiële keuzes. Hiermee is de governance van WNZ versterkt en is het toezicht beter ingericht voor de verdere groei en ontwikkeling van het warmtebedrijf.
WNZ onderzoekt nieuwe duurzame warmtebronnen om toekomstige uitbreiding mogelijk te maken. In de kwartaalrapportage wordt genoemd:
- onderzoek naar warmtewinning bij sportpark/zwembad De Slag;
- onderzoek naar inzet van warmte uit de rioolwaterzuiveringsinstallatie (RWZI )voor een laag temperatuurnet in Poelenburg.
Financiële positie
Jaarrekening 2025
WNZ sloot 2025 af met een verlies van € 300.000. Het verlies wordt toegevoegd aan het reeds opgebouwde negatieve resultaat. Het geaccumuleerde verlies eind 2025 komt uit op € 2,44 miljoen. Het eigen vermogen bedraagt ultimo 2025 nog € 8 mln.
Risico’s en beheersmaatregelen
Risico's
- Opwarming klimaat
Door opwarming van het klimaat daalt de gemiddelde warmtevraag en daarmee dus ook de omzet.
- Publieke opinie rondom biomassa en gebrek aan alternatieven
De publieke opinie rond biomassa als warmtebron is nog steeds vrij negatief. Voor alternatieve warmtebronnen is meer elektriciteit nodig. De aansluitcapaciteit wordt nu nog beperkt door congestie op het elektriciteitsnet.
Beheersmaatregelen
- Opwarming van het klimaat speelt zich af over een tijdsperiode die langer is dan wij hier beschouwen. Wel is duidelijk dat er 2% minder graaddagen zijn wanneer het gemiddeld aantal graaddagen van de afgelopen 3 jaar wordt vergeleken met de afgelopen 10 jaar. Als deze daling een op een wordt doorgezet naar omzetdaling, dan scheelt dat circa €10k op jaarniveau. Aanvullend zien we ook ander gedrag bij de afnemers. Het gevolg is een verdere daling van de afname.
- WNZ heeft twee ontwikkelaars actief om de ontwikkeling van collectieve warmte in Zaandam Oost te versnellen.
- Met de overname van de biomassacentrale in Zaandam Oost, heeft Essent de ambitie uitgesproken om deze centrale op termijn om te bouwen naar een warmtepompcentrale. Wanneer op termijn het netcongestieprobleem wordt opgelost, kan deze warmtepompcentrale worden gerealiseerd. Samen met de warmtebron onder het sportveld Hoornseveld vormen dit belangrijke alternatieve warmtebronnen voor de stook van snoeihout. Het gebrek aan alternatieven leidt niet tot problemen met leveringszekerheid. De warmtelevering blijft met de hulpwarmtecentrales gegarandeerd.
- Privaatrechtelijk
Alliander N.V.
(Bedragen x €1.000)Alliander N.V.Rechtsvorm:Naamloze Vennootschap
Oprichtings-/publicatiedatum:1 juli 2009Vestigingsplaats:ArnhemToezichtsregime:middelOpenbaar belangNetbeheer en distribueren van elektriciteit en gas voor producenten en afnemers. Voor burgers en ondernemers is een goed werkend en betaalbaar distributienetwerk van gas en elektriciteit cruciaal. Alliander heeft een belangrijke rol in het mogelijk maken van verdere verduurzaming van de Nederlandse energievoorziening.
Bestuurlijk belangWethouder Onclin vertegenwoordigt de gemeente in de AvA, plaatsvervanger wethouder Karst
Stemverhouding: 0,9%Actualiteiten en risico'sInleiding
Alliander is volledig in publieke handen: alle aandelen zijn eigendom van Nederlandse provincies en gemeenten. Deze aandeelhouders oefenen hun zeggenschap uit via de Algemene Vergadering van Aandeelhouders (AvA). In de AvA leggen de Raad van Bestuur en de Raad van Commissarissen verantwoording over het gevoerde beleid respectievelijk het toezicht op dat beleid. De AvA besluit over belangrijke onderwerpen, zoals de vaststelling van de jaarrekening en het dividend. Ook benoemt de AvA de leden van de Raad van Commissarissen. De grootste aandeelhouders zijn: Provincie Gelderland (44,68%, Provincie Friesland (12,65%), Provincie Noord-Holland (9,16%) en de gemeente Amsterdam (9,16%). De andere gemeenten (71) en provincie Flevoland hebben minder dan 3% van de aandelen.
Ontwikkelingen
Op 16 april 2026 vond de Algemene Vergadering van Aandeelhouders (AvA) plaats:
De aandeelhouders hebben een besluit genomen op de volgende onderwerpen:
- Jaarrekening 2025 inclusief winstbestemming en het vaststellen van dividend
- Het jaar 2025 is voor Alliander financieel positief afgesloten. Zie verdere toelichting onder Financiële positie.
- Het dividend voor gemeente Zaanstad komt uit op € 0,88 miljoen. Dit is € 0,18 miljoen lager dan begroot. Gemeente Zaanstad verwerkt dit in de Najaarsrapportage 2026.
- Het verlenen van decharge aan het bestuur voor het gevoerde beleid en de raad van commissarissen (RvC) over het gehouden toezicht over boekjaar 2025
- Statutenwijziging: met deze wijziging komen de statuten nu overeen met de nieuw Energiewet
De aandeelhouders hebben kennis genomen van de volgende onderwerpen:
- Bestuursverslag 2025: In het bestuursverslag over 2025 is conform de geactualiseerde Nederlandse Corporate Goverance Code voor het eerst een Verklaring Omtrent Risicobeheersing (VOR) opgenomen. De Raad van Bestuur legt hiermee nadrukkelijker verantwoording af over de beheersing van risico’s.
- Vacatures in de Raad van Commissarissen en de invulling hiervan
Alliander publiceerde in juli het halfjaarbericht 2026
Alliander meldt dat de wachtlijst voor grootzakelijke aansluitingen voor het eerst afneemt. In de eerste helft van 2026 konden ruim 1.800 bedrijven van de wachtlijst worden geholpen dankzij investeringen in het elektriciteitsnet en slimmer gebruik van de beschikbare netcapaciteit.
Alliander investeerde ruim € 1 miljard in uitbreiding, onderhoud en slimmer gebruik van het energienet. De vooruitgang blijft de netcongestie echter groot. Eind juni stonden nog ongeveer 8.900 bedrijven op de wachtlijst. Door nieuwe landelijke regels kunnen ook huishoudens en kleine bedrijven vaker te maken krijgen met wachttijden voor een nieuwe of zwaardere aansluiting, afhankelijk van de beschikbare ruimte op het lokale elektriciteitsnet
Conversie converteerbare aandeelhouderslening uit 2021
Op 15 december 2026 converteert Alliander de aandeelhouderslening van € 600 miljoen naar aandelen. De conversie is mogelijk omdat aan de voorwaarden uit de leningsovereenkomst is voldaan, waaronder een FFO/Net debt ratio lager dan 16% (in 2025 vastgesteld op 14,97%). Door de conversie wordt het eigen vermogen van Alliander versterkt, waardoor het bedrijf makkelijker extern kapitaal kan aantrekken tegen maatschappelijk aanvaardbare kosten. De conversieprijs per aandeel is vastgesteld op € 49,45 door Deloitte en bevestigd door KPMG. Het aantal nieuw uit te geven aandelen wordt bepaald door het leningbedrag te delen door de conversieprijs. Het gaat dus in totaal om ruim 12 miljoen aandelen, voor gemeente Zaanstad betekent dat 116.399 nieuwe aandelen. Het aandelenbelang blijft nagenoeg hetzelfde 0,96%. Dit komt dat de meeste aandeelhouders meegedaan hebben aan de lening (66). Maar 6 gemeenten niet.
Vanaf 2027 vervalt de vaste rentevergoeding op de lening. In plaats daarvan ontvangen de aandeelhouders dividend. Omdat het aandelenbelang nagenoeg hetzelfde blijft, zal het dividendbedrag door de conversie niet wijzigen.
Netcongestie
In het kader van de netcongestieproblematiek werkt de gemeente Zaanstad voornamelijk samen met Liander, de regionale netbeheerder en dochteronderneming van Alliander.
Financiële positie
Jaarrekening 2025
Het nettoresultaat bedraagt € 289 miljoen. In 2024 was dit € 976 miljoen. De reden voor het fors hogere resultaat in 2024 was de verkoop van Kenter, een dochterbedrijf van Alliander. In januari 2024 vond de aandelenoverdracht plaats. Als we het resultaat vergelijken met 2023, dan ligt het resultaat € 22 miljoen (8%) hoger. Het dividend voor gemeente Zaanstad komt uit op € 0,88 miljoen. Dit is € 0,18 miljoen lager dan begroot. We verwerken dit in de Najaarsrapportage 2026.
Halfjaarbericht 2026
De financiële resultaten zijn positief, maar de omvangrijke investeringen zorgen ervoor dat de organisatie veel financiering nodig blijft hebben om de energietransitie mogelijk te maken. De financiële resultaten over het eerste half jaar 2026 zijn als volgt:
- Alliander heeft in de eerste helft van 2026 € 1,088 miljard geïnvesteerd in de uitbreiding en vervanging van het gas- en elektriciteitsnet. Dat is meer dan in dezelfde periode van 2025 (€ 968 miljoen).
- Het nettoresultaat steeg naar € 148 miljoen, tegenover € 127 miljoen in de eerste helft van 2025.
- De bedrijfsopbrengsten namen toe van € 1,641 miljard naar € 1,751 miljard.
- De kasstroom blijft negatief (-€ 708 miljoen), vooral doordat de investeringen in het energienet hoger zijn dan de beschikbare inkomsten en financieringsstromen op korte termijn.
Risico’s en beheersmaatregelen
Risico's
Alliander onderkent de volgende risico’s in de SWOT analyse:
- Cybercriminaliteit
- Onvoldoende langetermijnoriëntatie van wet- en regelgeving
- Krapte technische arbeidscapaciteit
- Schaarste in componenten en grondstoffen
- Lange termijn financierbaarheid
- Sterk groeiend werkpakket
Beheersmaatregelen
De hierboven benoemde risico’s worden door Alliander afgedekt met beheersmaatregelen. Vanwege het beperkte belang wordt voor gemeente Zaanstad de beheersmaatregelen beperkt tot:
- Annotaties van de agenda van de Algemene Vergadering van Aandeelhouders in het college van B&W
- Jaarrekening 2025 inclusief winstbestemming en het vaststellen van dividend
- Privaatrechtelijk
Betaalbare Koopwoningen Zaanstad Holding B.V.
(Bedragen x €1.000)Betaalbare Koopwoningen Zaanstad Holding B.V.Rechtsvorm:Besloten Vennootschap
Oprichtings-/publicatiedatum:6 oktober 2005Vestigingsplaats:ZaandamToezichtsregime:hoogOpenbaar belangHet doel van Betaalbare Koopwoningen Zaanstad Holding B.V. (BKZ) is tweeledig:
- Het bevorderen van de volkshuisvesting overeenkomstig het beleid van de gemeente Zaanstad
- Het realiseren van kwalitatief hoogwaardige sociale koopwoningen in de gemeente Zaanstad; het via erfpacht beschikbaar stellen van deze woningen aan de gewenste doelgroep en het uitvoeren van een beleid teneinde deze woningen zoveel mogelijk voor de doelgroep te behoudenBestuurlijk belangGemeente Zaanstad is voor 100% eigenaar van de aandelen. Wethouder Onclin vertegenwoordigt de gemeente in de AvA, plaatsvervanger is wethouder Van der Laan.
Stemverhouding: 100%Actualiteiten en risico'sInleiding
BKZ (Betaalbare Koopwoningen Zaanstad) is een zelfstandige organisatie zonder winstoogmerk, opgericht door de gemeente Zaanstad. Sinds 2005 maakt BKZ het mogelijk voor huishoudens met een laag tot middeninkomen om een betaalbare koopwoning te verwerven in Zaanstad. BKZ ondersteunt hiermee het volkshuisvestelijk beleid van de gemeente, juist op punten waar de markt tekortschiet.
BKZ ontwikkelt en beheert verschillende modellen voor betaalbare koopwoningen, waaronder het model ‘BKZ Starterswoning’. Dit model is speciaal bedoeld voor starters op de woningmarkt met een laag- en middeninkomen, die anders moeilijk aan een koopwoning kunnen komen.. BKZ zorgt ervoor dat deze woningen ook op de lange termijn beschikbaar blijven voor de doelgroep en voorkomt dat woningen bij doorverkoop snel buiten het betaalbare segment terechtkomen.
BKZ richt zich niet alleen op de ontwikkeling van betaalbare koopwoningen, maar investeert ook in funderingsherstel en verduurzaming van bestaande woningen. Hiermee krijgen ook huishoudens met minder financiële mogelijkheden de kans om hun woning veilig, comfortabel en toekomstbestendig te houden.
Ontwikkelingen
De Raadsinformatiebrief over de Algemene Vergadering van Aandeelhouders (AvA) van Betaalbare Koopwoningen Zaanstad (BKZ) van 27 november 2025 informeert de raad over:
- De eerste ervaringen van de nieuwe directie BKZ, die pleit voor nader uitgewerkt woonbeleid en meer borging van betaalbare koopwoningen in de woningprogrammering.
- De voortgang van projecten (Kreekveld en Kreekzicht)
- Evaluatie en verbetering van het BKZ-Starterswoningenmodel en
- Onderzoek naar beleidssturing op het realiseren van BKZ woningen en mogelijkheden om inwoners uit Zaanstad voorrang te geven bij toewijzing van BKZ-woningen.
- Benoeming van een nieuw RvC-lid, uitstel jaarrekening 2025, keuze van een nieuwe accountant, en opvolging van aanbevelingen uit het AEF-rapport.
- De begroting 2026 is goedgekeurd; BKZ heeft voldoende reserves.
- Uitstel van de jaarrekening 2025: de jaarrekening wordt in de AvA na het zomerreces 2026 geagendeerd.
Einde dienstverband van statutair directeur BKZ
Directeur Van Dijck heeft de organisatie verlaten, haar benoemingstermijn liep af op 31 augustus 2026. De financieel en operationeel directeur bij BKZ, dhr De Weerd, is per 1 september benoemd als interim-bestuurder door de AvA. De RvC heeft de werving voor een nieuwe directeur-bestuurder opgestart.
Algemene Vergadering van Aandeelhouders (AvA) 21 september 2026
De aandeelhouders hebben een besluit genomen op de volgende onderwerpen:
- Jaarrekening 2025 van BKZ Holding inclusief resultaatbestemming
Zie toelichting onder Financiële positie
- Het verlenen van decharge aan het bestuur voor het gevoerde beleid en de raad van commissarissen (RvC) over het gehouden toezicht over boekjaar 2025
Ook heeft de AvA kennisgenomen van o.a. de volgenden onderwerpen:
- Jaarrekeningen dochters en accountantsverslag 2025
- Resultaat managementopgave 2025
- Jaarrapportage 2025
- Ontwikkelingen op de bedrijfsvoering BKZ
In de AvA eind 2026 of begin 2027 besluit de AvA over een statutenwijziging
Bureau AEF heeft een adviesrapportage uitgebracht ‘Herijking BKZ als bestendige verbinding van gemeente Zaanstad’ (25 oktober 2024). Het rapport doet aanbevelingen over de governance. De uitwerking hiervan is door de gemeente en BKZ opgepakt. Dit traject loopt door in 2026. Een aantal aanbevelingen leidt tot een wijziging in de statuten van BKZ. De statutenwijziging zal aan de AVA in 2026 of 2027 worden voorgelegd.
Risicoprofiel
Het zwaartepunt van de risico's van BKZ liggen op het politieke en financiële vlak. De doelstelling van BKZ is bijdragen aan de volkshuisvesting binnen de gemeente Zaanstad. Deze doelstelling heeft politiek de aandacht. Vanwege de rekening courant en de leningsovereenkomst, die BKZ heeft afgesloten met de gemeente Zaanstad voor BKZ traditioneel tot een maximumbedrag van respectievelijk 5,5 miljoen euro en voor de Garantieregelingen tot 31 miljoen, is het financieel belang groot te noemen. De gemeente heeft voor het duurzaam funderingsherstel een lening (kredietfaciliteit) verstrekt aan BKZ van € 30 miljoen om grond en tranches casco woning aan te kopen.
Financiële positie
Financieel sluit BKZ het jaar af met een positief resultaat van € 435.182. Dit resultaat wordt voornamelijk verklaard door opbrengsten uit Garantieregeling Zaanstad B.V. en gerealiseerde verkoopresultaten. De accountant heeft geen materiële afwijkingen of onzekerheden geconstateerd.
Risico's
- Het trancherisico op de opstal betreft een lange termijnrisico en hangt samen met de conjunctuur. Hierbij worden de tranches van de opstalwaarde) niet afgenomen door de kopers (en dus niet terugbetaald op korte termijn . Gevolg is dat pas bij (door)verkoop de resterende tranches worden gerealiseerd (afgelost). BKZ monitort dit.
- Langetermijnrisico van waardevermindering van de grond in de toekomst. De grond wordt na 25 jaar geherwaardeerd;
- Hoogconjunctuur leidt tot positieve kasstroom door afname van tranches en grond. Dit risico wordt beperkt door de stijgende rente waardoor woningbezitters niet verhuizen. Echter hierdoor daalt het aantal BKZ woningen en beschikbaarheid van woningen voor de doelgroep;
- Uitvoering DFZ (VHF woningen) door tekort aangeleverde woningen. Gemeente Zaanstad is verantwoordelijk voor de aanlevering van de betreffende VHF woningen en deze worden nog beperkt aangeleverd. Op dit moment zet de gemeente zich in om meer woningen aan te leveren aan BKZ;
- Het afkopen van de schuld wordt momenteel met afbetalingsregeling binnen BKZ opgevangen. Het gaat om een combinatie van funderingsherstel en verduurzaming. De AFM staat dit momenteel nog toe, BKZ loopt het financiële risico, hierover wordt gerapporteerd in het directieverslag;
- Overgang van project - naar structurele organisatie kan leiden tot vertrek van personeel waardoor kennis verloren gaat. Verwachting van de RvC is dat de kennis snel weer wordt opgebouwd;
- Advies vier ogen principe voor hoge bedragen. Het bedrag waarvoor het vier ogen van toepassing is vaststellen;
- Indien er verzoek tot dividend uitkeringen zou komen moet de gemeente scherp houden welke financiële verplichtingen BKZ heeft ten opzicht van de gemeente (kredietverstrekking) en de mate waarin het risicoprofiel dan verder toeneemt.
Beheersmaatregelen
- Jaarlijkse inkomenstoets bij kopers door BKZ;
- Periodieke kwartaalrapportages worden aan verantwoordelijke wethouders, college en raad verstrekt. Deze rapportages bevatten gegevens met betrekking tot aantal woningen, liquiditeit, prognoses cashflow, risico’s, etc.
- Overlegstructuur: 1 à 2 keer per maand overleg tussen ambtenaren en de directie van BKZ; Governance regulier overleg 4 X per jaar (AEF rapport);
- Operationalisering van het herijkte VHF-DFZ model waarbij geld is gereserveerd voor renovatie en sloop-nieuwbouw in de periode 2022-2031 van maximaal 200 woningen. Voor investering in de grond en de woning is een lening afgesloten tussen gemeente en BKZ van € 30 miljoen;
- Toetsing WNT norm van directie en RvC door de onafhankelijke accountant.
- Governance wordt opgepakt met de directie van BKZ en de gemeente. Verwachting dat dit in 2026 gereed is.
- Door het benoemen van 2 directeuren is continuïteit en kennis bij BKZ beter geborgd
- Privaatrechtelijk
Bank Nederlandse Gemeenten
(Bedragen x €1.000)Bank Nederlandse GemeentenRechtsvorm:Naamloze vennootschap
Oprichtings-/publicatiedatum:23 december 1914Vestigingsplaats:Den HaagToezichtsregime:middelOpenbaar belangDe Bank Nederlandse Gemeenten (BNG) is de bank van en voor overheden en instellingen met een maatschappelijk belang. Met gespecialiseerde financiële dienstverlening draagt BNG bij aan zo laag mogelijke kosten van maatschappelijke voorzieningen voor de burger. Daarmee is de bank essentieel voor de publieke taak.
Bestuurlijk belangWethouder Onclin vertegenwoordigt de gemeente in de AvA, plaatsvervanging wethouder Doeves-de Boer
Stemverhouding: 0,07%Actualiteiten en risico'sInleiding
BNG Bank is de bank van en voor overheden. Zaanstad is aandeelhouder van de bank. BNG helpt gemeenten en andere maatschappelijke organisaties met financiering tegen gunstige voorwaarden en draagt daarmee bij aan de uitvoering van publieke taken. Daarnaast ontvangt de gemeente dividend uit haar aandeelhouderschap.
Ontwikkelingen
De verwachting is dat de investeringsbehoefte van gemeenten en andere publieke organisaties de komende jaren hoog blijft. BNG verwacht daarom een belangrijke rol te blijven spelen bij de financiering van maatschappelijke opgaven, waaronder woningbouw, verduurzaming, energietransitie, infrastructuur en voorzieningen in zorg en onderwijs. De bank blijft investeren in een sterke financiële positie, zodat zij ook onder veranderende economische omstandigheden een stabiele financieringspartner voor de publieke sector kan zijn. Daarnaast werkt BNG samen met klanten en partners aan het vergroten van de maatschappelijke impact en het realiseren van klimaatdoelstellingen.
Risicoprofiel
Het risicoprofiel van de BNG is middel.
Financiële positie
Jaarrekening 2025
De AvA stelde in maart de jaarrekening 2025 vast:
• In 2025 bleef de vraag naar financiering hoog, vooral vanuit gemeenten en woningcorporaties. BNG verstrekte € 11,2 miljard aan nieuwe langlopende leningen, waarmee investeringen mogelijk werden gemaakt in onder meer woningbouw, duurzame energie, zorg, onderwijs en infrastructuur. De totale kredietportefeuille groeide naar € 95,7 miljard.
• BNG realiseerde over 2025 een nettowinst van € 172 miljoen. Dit is lager dan in 2024 (€ 294 miljoen), onder meer doordat de bank ervoor koos klanten gunstiger financieringsvoorwaarden te bieden en investeerde in de verdere ontwikkeling van de organisatie. Ondanks deze daling bleef de financiële positie van de bank sterk, met een hoge solvabiliteit en ruime liquiditeitspositie.
Dividendontwikkeling
BNG heeft over 2025 een dividend van € 78,5 miljoen uitgekeerd, aanzienlijk lager dan de € 140 miljoen over 2024. Op basis van het aandelenbelang van de gemeente Zaanstad leidt dit naar verwachting tot een dividendontvangst van circa € 0,6 miljoen. Dit is beduidend lager dan de circa € 1,05 miljoen die Zaanstad ontving over het voorgaande boekjaar. De afname hangt samen met de lagere winst van BNG in 2025. Ondanks de lagere dividenduitkering blijft BNG financieel gezond en een belangrijke financieringspartner voor de publieke sector
Risico’s en beheersmaatregelen
De belangrijkste risico's voor BNG hangen samen met ontwikkelingen op de financiële markten, wijzigingen in rente- en financieringskosten en toenemende eisen van toezichthouders. Deze factoren kunnen invloed hebben op de winst en daarmee op de dividenduitkering aan aandeelhouders.
Voor de gemeente Zaanstad bestaat het voornaamste risico uit lagere dividendopbrengsten dan begroot. Hiertoe volgen we de tussentijdse berichten en de jaarrekening van de BNG. We hebben er nauwelijks zelf invloed op vanwege het geringe belang van 0,07 %. De financiële positie van BNG blijft echter sterk en de bank voldoet ruimschoots aan de door de Europese toezichthouders gestelde kapitaaleisen.
- Privaatrechtelijk
Vereniging Bedrijvenpark HoogTij
(Bedragen x €1.000)Vereniging Bedrijvenpark HoogTijRechtsvorm:Vereniging
Oprichtings-/publicatiedatum:Vestigingsplaats:HaarlemToezichtsregime:laagOpenbaar belangBevordering van het kwaliteitsniveau en de behartiging van de gezamenlijke belangen van de eigenaren van de gronden en gebouwen op bedrijventerrein HoogTij in Westzaan.
Bestuurlijk belangEr participeert niemand van het college in het bestuur van de vereniging. Ieder lid is bevoegd tot het uitbrengen van een zodanig aantal stemmen als overeenkomt met iedere vierkante meter grond in het bedrijvenpark waartoe het lid is gerechtigd is Het algemeen bestuur bestaat uit 4 leden.
De gemeente wordt als grondeigenaar en ontwikkelaar in de ledenvergadering vertegenwoordigd door een medewerker van de gemeente Zaanstad die is benoemd.
Stemverhouding: <1%Actualiteiten en risico'sOntwikkelingen
Inleiding
Zaanstad is van oudsher als grondeigenaar/ontwikkelaar lid van Vereniging Bedrijvenpark HoogTij (VBH). KG Parkmanagement geeft in opdracht van de gemeente (in de rol als eigenaar van openbare ruimte en ontwikkelaar van nog niet nog niet uitgegeven kavels) en de leden van de VBH (alle bedrijven op HoogTij) invulling aan het parkmanagement. De vereniging is verantwoordelijk voor een blijvende kwaliteit van de openbare ruimte en samenwerking op het terrein. Dit is van cruciaal belang voor een goed vestigingsklimaat, nu en in de toekomst. De vereniging is daarnaast het eerste aanspreekpunt voor de ondernemers op HoogTij en behartigt de collectieve belangen.
Ontwikkelingen
De gronduitgifte loopt voorspoedig. De rol van de gemeente in de vereniging wordt kleiner. De grondexploitatie loopt nog tot 2033. Er resteert nog 20 hectare grond om uit te geven door gemeente Zaanstad. De verwachting is dat dit uiterlijk in 2033 gerealiseerd zal zijn. Dat is dan ook het moment dat gemeente Zaanstad zich kan terugtrekken uit de vereniging. Het onderhoudscontract tussen de vereniging en gemeente Zaanstad blijft dan wel bestaan.
Risicoprofiel
Het risico voor de gemeente bij de VBH is laag. Zaanstad is lid van de vereniging en betaalt de werkelijke kosten voor het beheer en onderhoud van nog niet uitgegeven kavels en de openbare ruimte op HoogTij. De organisatiegraad op HoogTij is hoog, alle bedrijven zijn lid van de vereniging. Het bestuur van de vereniging staat in samenhang met KG Parkmanagement in nauw contact met de bedrijven/leden, behartigt de belangen van de leden en voert structureel overleg met de gemeente over ontwikkelingen op HoogTij.
Financiële positie
Alle bedrijven op Hoogtij zijn via de koop- of erfpachtovereenkomst verplicht zijn bij te dragen aan parkmanagement. In de praktijk betekent dat dat alle bedrijven lid zijn van de vereniging en een bijdrage per vierkante meter betalen. Gemeente is ook lid van de vereniging. Gemeente Zaanstad vaardigt de procesmanager HoogTij af in de Algemene Ledenvergadering (ALV). De gemeente is en blijft lid en heeft stemrecht op grond van het aantal m2 eigendom totdat er geen eigendom meer is.
Naast de jaarlijkse contributie betaalt gemeente Zaanstad een vergoeding (in 2025 € 219.486) aan de vereniging voor het onderhoud en beheer van de openbare ruimte (daadwerkelijke kosten).
De jaarrekening 2025 is tijdens de ALV van 1 juli 2026 vastgesteld. Het resultaat bedraagt € 33.000. De lidmaatschapsgelden zijn ruim € 35.000 hoger door nieuwe leden.
Risico’s en beheersmaatregelen
Het risico voor de gemeente is laag, aangezien de bijdrage van de gemeente aan de VBH is gebaseerd op de werkelijke onderhoudskosten voor het beheer van nog niet uitgegeven bedrijfskavels en de openbare ruimte. Over de hiermee gepaard gaande kosten vindt structureel overleg plaats tussen de vereniging en de gemeente.
- Privaatrechtelijk
Dimpact
(Bedragen x €1.000)DimpactRechtsvorm:Coöperatie
Oprichtings-/publicatiedatum:lidmaatschap gestart in oktober 2020Vestigingsplaats:EnschedeToezichtsregime:laagOpenbaar belangBinnen de onafhankelijke coöperatie Dimpact werken 40 gemeenten samen. Zij co-creëren en leren van elkaar op het gebied van digitale innovatie van dienstverlening. Als lid van Dimpact kan Zaanstad (tegen betaling) gebruik maken van de producten die onder regie van Dimpact ontwikkeld zijn door de leden en evt externe partijen.
Bestuurlijk belangGemeente Zaanstad heeft één stem in de Algemene Ledenvergadering van Dimpact. Wethouder Van der Laan vertegenwoordigt de gemeente in de ledenvergadering
Stemverhouding: 1 van de 40 stemmenActualiteiten en risico'sGemeente Zaanstad heeft in het tweede kwartaal van 2026 haar lidmaatschap en samenwerking met Dimpact opgezegd
Aanleiding is de gewijzigde koers van Dimpact en de invoering van een nieuw bijdragemodel. Bij toetreding in 2020 koos Zaanstad bewust voor samenwerking gebaseerd op gezamenlijke regie, modulariteit en keuzevrijheid in afname van producten. Het nieuwe bijdragemodel is gebaseerd op collectieve financiering van het digitale dienstverleningsplatform van Dimpact (Podium D), ongeacht de mate waarin een gemeente producten uit dit platform afneemt. Voor gemeenten met een beperkt gebruik, zoals Zaanstad, leidt dit tot hoge kosten. Beëindiging van het lidmaatschap en de samenwerking is daarom een passende stap.
Zaanstad neemt uitsluitend het generieke publicatieplatform voor de Wet open overheid (GPP-Woo) af. De continuïteit van deze voorziening kan ook buiten Dimpact worden geborgd, waardoor de actieve openbaarmaking van informatie kan worden voortgezet.
De gewijzigde koers van Dimpact leidt tot een sterke en structurele kostenstijging
De stijging staat niet in verhouding tot het feitelijke gebruik van de producten van Dimpact. Gemeente Zaanstad neemt alleen het generieke publicatieplatform voor de Wet open overheid (GPP Woo) af van Dimpact. Dit product kan los van Dimpact gecontinueerd worden, zodat de actieve openbaarmaking van informatie kan worden voortgezet.
Juridische achtergrond
Het lidmaatschap en de samenwerkingsovereenkomst zijn op 12 mei 2026 regulier opgezegd, waarmee de beëindigingsdatum op grond van de geldende opzegtermijnen is vastgesteld op 31 december 2027. Daarnaast heeft Zaanstad op 22 juni 2026 een beroep gedaan op onmiddellijke beëindiging vanwege de door de Algemene Ledenvergadering van 21 mei 2026 vastgestelde koerswijziging en het nieuwe bijdragemodel.
Het afwijken door Dimpact van de uitgangspunten van samenwerking vanuit gezamenlijke regie, modulariteit en keuzevrijheid in afname, en de overgang naar collectieve financiering die heeft geleid tot het nieuwe bijdragemodel zoals vastgesteld door de Algemene Ledenvergadering in mei 2026, kan worden aangemerkt als een wezenlijke koerswijziging. Deze koerswijziging kan daarmee een juridische grond vormen voor directe beëindiging van het lidmaatschap en de samenwerkingsovereenkomst. Over de juridische houdbaarheid hiervan bestaat op dit moment nog geen overeenstemming tussen partijen en vindt nader juridisch onderzoek plaats.
Risico
Indien de onmiddellijke beëindiging juridisch geen standhoudt, moet Zaanstad tot en met 31 december 2027 de GPP-Woo afnemen via Dimpact en als gevolg van het nieuwe bijdragemodel ook bijdragen aan het bredere dienstverleningsplatform (Podium D). Hierdoor nemen de jaarlijkse kosten toe van circa € 51.000 naar circa € 161.000. Met dit financiële risico is rekening gehouden in de Meerjarenbegroting 2027-2030.
- Privaatrechtelijk
RON Achtersluispolder I B.V.
(Bedragen x €1.000)RON Achtersluispolder I B.V.Rechtsvorm:Besloten Vennootschap
Oprichtings-/publicatiedatum:20 december 2005Vestigingsplaats:AmsterdamToezichtsregime:middelOpenbaar belangDe RON Achtersluispolder I is het uitvoeringsinstrument voor het (her)ontwikkelen van bedrijventerreinen in de Achtersluispolder.
Bestuurlijk belangGemeente Zaanstad is houder van 33 1/3% van de aandelen. Wethouder Onclin vertegenwoordigt de gemeente in de AvA, plaatsvervanging wethouder Karst
Er is sprake van duale aansturing waarbij de wethouder financiën invulling geeft aan de eigenaarsrol en het inhoudelijk opdrachtgeverschap is belegd bij de beleidsportefeuillehouder. In het collegebesluitt 2021/24740 kiest het college ervoor om te kiezen voor een ambtelijke vertegenwoordiging in het bestuur. De samenwerking heeft een operationeel karakter. Mocht dit in de toekomst wijzigen dan wordt dit besluit herzien.
Aandelenkapitaal € 18.000
Stemverhouding: 33,33%Actualiteiten en risico'sInleiding
RON Achtersluispolder (ASP) is een verbonden partij van de gemeente Zaanstad waarin de gemeente samenwerkt met Port of Amsterdam. De gemeente is aandeelhouder omdat RON ASP een belangrijk instrument is voor de ontwikkeling van bedrijventerreinen in de Achtersluispolder en het Noordzeekanaalgebied.
De vennootschap werd oorspronkelijk aangehouden vanwege het belang in het Houtcentrum, maar krijgt inmiddels een bredere rol. Zaanstad en Port of Amsterdam willen RON ASP inzetten voor actief grondbeleid. Dit beleid wordt in 2026 verder uitgewerkt.
Ontwikkelingen
In het 2de kwartaal 2026 vond de Algemene Vergadering van Aandeelhouders (AvA) buiten vergadering plaats
De aandeelhouders hebben een besluit genomen op de volgende onderwerpen:
- Jaarrekening 2025, zie verder voor toelichting financiële positie
- Het verlenen van decharge aan de directie voor het gevoerde beleid
- Instemmen met het activeren van RON ASP voor het uitvoeren van actief grondbeleid. De gemeenteraad stemde in met actief grondbeleid op 27 november 2025 (rb 9737300):
- het actief gaan verwerven van gronden en bedrijfspanden,
- herontwikkelen, exploiteren en verkopen of uitgeven aan bedrijven op de Zaanse bedrijventerreinen in het Noordzeekanaalgebied
Ontwikkelingen
RON Achtersluispolder I (ASP) ontwikkelt zich van een deelneming die vooral gericht was op het beheer van het Houtcentrum (passieve deelneming) naar een instrument waarmee de gemeente Zaanstad en Port of Amsterdam gezamenlijk actief grondbeleid kunnen voeren (actieve deelneming). In 2026 zijn de aandeelhouders akkoord gegaan met deze verdere ontwikkeling. Hiervoor werken de aandeelhouders aan een robuuste samenwerkingsstructuur met een gelijkwaardige 50/50-aandelenverhouding, een zo beperkt mogelijke uitvoeringsorganisatie en periodieke evaluatie van de samenwerking. Voor een deel van deze wijzigingen is een statutenwijziging nodig. Vervolgens worden onder andere strategische locaties in beeld gebracht en getaxeerd en wordt gewerkt aan een uitvoeringsagenda en financieel kader. Het doel is om de vennootschap in te zetten voor de aankoop, ontwikkeling en uitgifte van gronden en panden, zodat de economische ontwikkeling van de bedrijventerreinen in het Noordzeekanaalgebied kan worden ondersteund. Naar verwachting is dit proces Q4 2026 gereed
Financiële positie
Jaarrekening 2025
RON ASP heeft 2025 afgesloten met een winst van € 260.771. De winst wordt toegevoegd aan het eigen vermogen van de vennootschap
Risico’s en beheersmaatregelen
RON Achtersluispolder I B.V. is een beheermaatschappij met een belang van 50,3% in Houtcentrum B.V. De waardeontwikkeling van Houtcentrum B.V. heeft daardoor directe invloed op het risicoprofiel en de waardering van onze deelneming in RON Achtersluispolder I B.V.
Het financiële risico is beperkt, de resultaten van afgelopen jaren zijn jaar op jaar positief. Als beheersmaatregelen beoordelen we jaarlijks de jaarrekening van de RON ASP en Houtcentrum.
- Privaatrechtelijk
Masterplan Noordzeekanaalgebied
(Bedragen x €1.000)Masterplan NoordzeekanaalgebiedRechtsvorm:Stichting
Oprichtings-/publicatiedatum:Vestigingsplaats:IJmuidenToezichtsregime:middelOpenbaar belangHet op duurzame wijze versterken van de regionale economie in het Noordzeekanaalgebied door het benutten van de potentie van het regionale haven- en industrieel complex.
Bestuurlijk belangWethouder Onclin is lid van het stichtingsbestuur, plaatsvervanging wethouder Doeves-de Boer
Stemverhouding: 17%Actualiteiten en risico'sInleiding
Het Noordzeekanaalgebied is een van de belangrijkste haven- en industriegebieden van Nederland en speelt een belangrijke rol voor de regionale en internationale economie. Via het Masterplan Noordzeekanaalgebied werken overheden, bedrijven en kennisinstellingen samen aan een toekomstbestendig gebied. Daarbij gaat het niet alleen om het versterken van de economische concurrentiepositie, maar ook om de energietransitie, een gezonde leefomgeving, goede bereikbaarheid en voldoende ruimte voor wonen en werken.
Ontwikkelingen
Via de Stichting Projectbureau Masterplan Noordzeekanaalgebied werkt Zaanstad samen met het Rijk, de provincie, gemeenten, havenbedrijven en andere partners aan de duurzame ontwikkeling van het Noordzeekanaalgebied. De komende jaren staat de uitvoering van de NOVEX-uitvoeringsagenda 2025-2029 centraal. Belangrijke thema's zijn de energietransitie, verduurzaming van de industrie, verbetering van de leefomgeving, klimaatadaptatie en de balans tussen economische ontwikkeling, woningbouw en bereikbaarheid. Voor Zaanstad zijn daarnaast de investeringen vanuit het programma Gebiedsinvesteringen Netten op Zee van belang, waaronder projecten voor vergroening en verbetering van de openbare ruimte, zoals het Hembrugbos en de omgeving van pont Buitenhuizen.
Financiële positie
Jaarrekening 2025
Over 2025 heeft de stichting een positief resultaat van € 241.733 behaald, dit resultaat is toegevoegd aan de algemene vrije reserves. De algemene vrije reserves bedragen € 783.145 per 31 december 2025.
Overig
- Overig
Stichting Marketing Zaanstreek
(Bedragen x €1.000)Stichting Marketing ZaanstreekRechtsvorm:Stichting (op basis van quasi-inbesteding)
Oprichtings-/publicatiedatum:Oprichting 8 juli 2010, laatste statutenwijziging 26 juni 2024Vestigingsplaats:ZaandamToezichtsregime:laagOpenbaar belangCitymarketingdiensten worden ingezet om de positie en het ‘merk’ van de gemeente te versterken in het algemeen belang.
Bestuurlijk belangGemeente Zaanstad heeft geen zetel in het bestuur, maar verleent goedkeuring aan de Raad van Toezicht in de benoeming van de directeur-bestuurder, de leden van de Raad van Toezicht van de stichting worden direct door Zaanstad benoemd.
Stemverhouding: nvtActualiteiten en risico'sInleiding
Stichting Marketing Zaanstreek (SMZ) verzorgt de citymarketing en VVV-dienstverlening voor Zaanstad. De stichting werkt aan de positionering van Zaanstad en de Zaanstreek als aantrekkelijke plek om te wonen, werken, ondernemen en recreëren. Sinds 2024 is SMZ een verbonden partij, waardoor de gemeente meer invloed heeft op de uitvoering van de citymarketing en deze beter kan laten aansluiten op de gemeentelijke ambities op het gebied van economie, toerisme, cultuur en brede welvaart.
Ontwikkelingen
In het meerjarenplan van de stichting staat dat de focus komende jaren ligt op:
- Promotie van evenementen en activiteiten in samenwerking met lokale partners.
- Fysiek gastheerschap, zoals informatiepunten en bezoekersbegeleiding.
- Beeldbepalende projecten die bijdragen aan de identiteit van Zaanstad.
- Samenwerking met ondernemers en instellingen in de regio én met partners in de Metropoolregio Amsterdam[LV1.1]
- De begroting voor 2027 is kostendekkend, maar vraagt vanwege stijgende kosten om scherpe keuzes in de uitvoering activiteiten en projecten. SMZ gaat hierover in gesprek met de gemeente
Governance
- Er is een dienstverleningsovereenkomst afgesloten voor onbepaalde tijd (2024/8599079).
- De directeur-bestuurder wordt benoemd door de RvT na goedkeuring van de gemeente.
- De directeur-bestuurder is eindverantwoordelijk voor de prestaties van de stichting en voor de uitvoering van de opdracht zoals verstrekt door de gemeente Zaanstad. De directeur-bestuurder is eerste aanspreekpunt voor de gemeente en de Raad van Toezicht.
- Gemeente Zaanstad benoemt de leden van de Raad van Toezicht van de stichting.
- De Raad van Toezicht houdt integraal toezicht op de besturing van de organisatie van de stichting. Onder het houden van toezicht vallen bijvoorbeeld het goedkeuren van besluiten van het bestuur alsmede het monitoren van het functioneren van het bestuur.
- De strategische visie wordt conform de Statuten ter goedkeuring aan de Gemeente Zaanstad voorgelegd. Na de goedkeuring van Gemeente Zaanstad, stelt de Raad van Toezicht de Strategische visie en (meerjaren) begroting overeenkomstig vast.
- Voortgangsgesprekken Zaanstad
- Er is een governance structuur afgesproken. 2-3 keer per jaar is er een bestuurlijk overleg met ambtenaren en wethouder waar de directeur en RvT rapporteert over de jaarrekening of tussentijdse rapportages, bereik en effect van campagnes en activiteiten, tevredenheidsonderzoeken en reputatiemetingen. Waar nodig wordt tussentijds bijgestuurd op de opdracht.
Risicoprofiel
Het risicoprofiel is laag met een minimaal toezichtsarrangement.
Financiële positie
Jaarrekening 2025
De controleverklaring is door de onafhankelijke accountant afgegeven. Het resultaat over 2025 bedraagt € 47.207 en wordt toegevoegd aan de organisatie-ontwikkelingsreserve. Het positieve resultaat is voornamelijk veroorzaakt door meer baten vanwege eenmalige projecten.
De jaarrekening is vastgesteld door college goedgekeurd op 23 juni 2026.
Begroting 2027
De begroting 2027 en de geactualiseerde meerjarenstrategie is goedgekeurd door de portefeuillehouder op 25 mei 2026. De begroting is gebaseerd op de uitwerking zoals opgenomen in de businesscase. Het activiteitenplan 2027 wordt eind 2026 opgeleverd en vastgesteld. De gemeentelijke bedrage in 2027 bedraagt €0,6m.
Risico's en beheermaatregelen
Risico’s
- Te beperkte inzichtelijkheid in de toegevoegde waarde van SMZ.
- Overschrijding van de bovengrens van 20% externe baten waardoor de voorwaarden van quasi-inbesteding worden geschonden.
- Toename financiële druk bij de gemeente doordat partners afhaken.
- De Zaanstore ziet de stijging van inkoopkosten en het (deels) verrekenen van deze stijging als risico op daling van omzet en marge.
- De omvang en diversiteit van de opdracht zorgen voor ee hoge druk op de beschikbare personele capaciteit, wat risico’s oplevert voor de voortgang en kwaliteit van de uitvoering.
Beheersmaatregelen
- Het meten van de toegevoegde waarde met behulp van korte- en langetermijndoelstellingen en met behulp van duidelijke KPI’s.
- De directie van SMZ rapporteert periodiek over de bevinding voor de 80/20 verhouding.
- De directie van SMZ informeert de gemeente over nieuwe opdrachten.
- De directie van SMZ zet stevig in op samenwerking en stimuleert lokale initiatieven.
- Jaarronde monitoring van marges en omzet van de Zaanstore, meegenomen in periodiek rapportages.
- Vanaf 2025 wordt gestart met het werken met een productbegroting en het bijhouden van een urenregistratie, de definitieve invoering is gestart per 2026. Hiermee kan de gemeente beter kan sturen op de opdracht.
- Vanaf het begrotingsjaar 2025 geldt de verplichting dat SMZ een sluitende begroting dient op te stellen.
- Overig
Metropoolregio Amsterdam
(Bedragen x €1.000)Metropoolregio AmsterdamRechtsvorm:De MRA is geen juridische entiteit en heeft geen mogelijkheden om bindende besluiten te nemen. Het is een netwerk waarin wordt samengewerkt met provincies, gemeenten en de VRA. In de Samenwerkingsafspraken 2021 staat hoe de deelnemers met elkaar samenwerken.
Oprichtings-/publicatiedatum:Vestigingsplaats:AmsterdamToezichtsregime:middelOpenbaar belangHet gezamenlijk werken aan onderwerpen die de grenzen van de gemeenten overstijgen. Bijvoorbeeld duurzaamheid, economie, mobiliteit en ruimtelijke vraagstukken, maar ook vanuit een sociaal maatschappelijke invalshoek.
Bestuurlijk belangMetropool Regio Amsterdam (MRA) kent geen bestuurlijke vertegenwoordiging.
Er is in juridische zin geen bestuurlijk belang. Er kunnen binnen de MRA geen bindende besluiten worden genomen, dit is aan de gemeenteraden van de individuele deelnemers. Er is een informeel bestuurdersnetwerk.
Stemverhouding: nvtActualiteiten en risico'sInleiding
De Metropoolregio Amsterdam (MRA) is een samenwerkingsverband van 30 gemeenten, de provincies Noord-Holland en Flevoland en de Vervoerregio Amsterdam. Binnen de MRA werkt Zaanstad samen aan regionale vraagstukken zoals wonen, bereikbaarheid, economie, arbeidsmarkt en duurzaamheid. De MRA is een netwerkorganisatie zonder eigen bevoegdheden; besluiten worden genomen door de deelnemende overheden.
Ontwikkelingen
Vanaf de start van 2025 wordt er samengewerkt op basis van de lange termijn ambities zoals benoemd in de MRA Agenda 2025-2028.
De acht ambities in de MRA Agenda 2025-2028 zijn:
- We willen een klimaatneutrale en circulaire regio zijn in 2050
- We versterken de (digitale) concurrentie- en innovatiekracht van de MRA om bij te dragen aan de transities die nodig zijn
- We willen tekorten op de arbeidsmarkt verminderen en toekomstbestendig werk bieden aan huidige en nieuwe inwoners waardoor zij zich kunnen (blijven) ontwikkelen (door een optimale aansluiting tussen onderwijs en arbeidsmarkt
- We willen voldoende, passende, bereikbare en toekomstbestendige werklocaties in de nabijheid van (potentiële) werkenden
- We willen leefbare steden en dorpen met voldoende, betaalbare, bereikbare en toekomstbestendige woningen, in een gezonde leefomgeving.
- We behouden en (waar mogelijk) versterken de kwaliteit van ons landschap en cultuurhistorisch erfgoed.
- We willen dat het (inter)nationale toerisme en de recreatiemogelijkheden bijdragen aan de leefkwaliteit van al onze inwoners.
- We willen dat eenieder zich op toekomstbestendige en betaalbare wijze kan verplaatsen in de MRA en dat we het logistieke vervoer en de internationale connectiviteit verduurzamen.
Bij de MRA Agenda 2025 – 2028 is ook een Meerjaren Uitvoeringsprogramma (MUVP) opgesteld door de platforms (Economie, Ruimte en Mobiliteit). In het MUVP zijn de acties opgenomen die ondernomen gaan worden om aan de acht ambities te werken. Het MUVP dient daarmee ook als sturingsmiddel voor de bestuurders in de platforms.
Op de website van de MRA staan nieuwsberichten over de activiteiten van de MRA.
Governance
In de MRA Samenwerkingsafspraken is omschreven hoe de samenwerking is vormgegeven. De MRA bestaat uit 30 gemeentes, 2 provincies en de Vervoerregio Amsterdam (VRA). De deelnemende gemeenten werken vanuit zeven deelregio’s. Uitgangspunt hiervoor is de huidige geografische indeling: Amsterdam, Amstelland-Meerlanden, Zuid-Kennemerland, IJmond, Zaanstreek-Waterland, Gooi en Vechtstreek, Almere-Lelystad. Iedere deelregio is met minimaal één afgevaardigde vertegenwoordigd in het Bestuur, de bestuurlijke platforms en de portefeuillehoudersoverleggen. In de Algemene Vergadering is iedere deelnemer vertegenwoordigd.
In 2025 is de rol van het MRA bestuur onder de loep genomen om de afbakening van de taken van het bestuur te verduidelijken. De inhoudelijke rol van het MRA bestuur is hiermee beter afgebakend. Ook is de frequentie van vergaderingen teruggebracht.
De gremia en bijbehorende rol staan beschreven in de samenwerkingsafspraken van de MRA, zoals overeengekomen in 2021.
Deelnemers MRA:
- Gemeenten (30)
Aalsmeer, Almere, Amstelveen, Amsterdam, Beverwijk, Blaricum, Bloemendaal, Diemen, Edam-Volendam, Gooise Meren, Haarlem, Haarlemmermeer, Heemskerk, Heemstede, Hilversum, Huizen, Landsmeer, Laren, Lelystad, Oostzaan, Ouder-Amstel, Purmerend, Uitgeest, Uithoorn, Velsen, Waterland, Wijdemeren, Wormerland, Zaanstad, Zandvoort.
- Provincies (2)
Noord-Holland, Flevoland
- Vervoerregio Amsterdam (VRA)
Financiën
Bij vaststelling van de MRA Agenda 2025 – 2028 zijn ook afspraken gemaakt over de inwonersbijdrage van de deelnemende gemeenten. Er is afgesproken om voor de periode van vier jaar de inwonersbijdrage gelijk te houden op een bedrag van €1,62 per inwoner.
- Overig
Stichting Jeugdteam Zaanstad
(Bedragen x €1.000)Stichting Jeugdteam ZaanstadRechtsvorm:Stichting
Oprichtings-/publicatiedatum:01-01-2022Vestigingsplaats:ZaandamToezichtsregime:hoogOpenbaar belangHet verlenen van jeugdhulp aan jeugdigen in Zaanstad, het beoordelen en doorverwijzen naar specialistische jeugdhulp en het voeren van regie op ondersteuningsplannen van gezinnen. Dit doet het jeugdteam door integraal samen te werken met de Sociale Wijkteams, het onderwijs, de huisartsen, specialistische aanbieders en andere partners in de wijken.
Bestuurlijk belangGemeente Zaanstad heeft geen zetel in het bestuur, maar benoemt wel de directeur-bestuurder en de leden van de Raad van Toezicht van de stichting.
Stemverhouding: nvtActualiteiten en risico'sInleiding
Stichting Jeugdteam Zaanstreek biedt ondersteuning aan kinderen, jongeren en gezinnen die hulp nodig hebben. Vanaf 2027 worden ook de sociale wijkteams ondergebracht bij het Jeugdteam. Hiermee krijgt de transitie naar Werken in de Wijk verder vorm. Door ondersteuning dichter bij inwoners te organiseren en de samenwerking te versterken, kunnen hulpvragen eerder worden opgepakt en sneller passende ondersteuning worden geboden.
Ontwikkelingen
- De gemeenten geven uitvoering aan de Hervormingsagenda jeugd 2022-2028 zoals is afgesproken met het rijk. De doelstelling is tweeledig: kwalitatief goede jeugdhulp voor de kinderen die het hardst nodig hebben en terugdringen van de kosten.
- Het college nam in september 2025 het besluit om de opdracht “werken in de wijk” (o.a. de Sociale Wijkteams) onder te brengen bij Stichting Jeugdteam Zaanstad. Door de uitvoering van de Sociale Wijk- en Jeugdteams samen te brengen in één stichting, ontstaat een organisatie die past bij onze eigen wensen en eisen, én die aansluit bij landelijke ontwikkelingen; lokale teams worden steviger verankerd in de Wmo en Jeugdwet. Een 0 tot 100 team voorkomt dat inwoners langs meerdere loketten moeten. Alle expertise komt samen in één organisatie, problemen van ouders en kinderen worden in samenhang bekeken, en de samenwerking op de werkvloer wordt structureel en effectiever. Zo bouwen we aan een duurzame en toekomstbestendige organisatie voor o.a. de uitvoering van de Jeugdwet en Wmo. De gemeenteraad gaf in oktober het college wensen en bedenkingen mee op het voorstel. Vanaf het 4de kwartaal worden stappen gezet om toe te werken naar één stichting die per 1 januari 2027 in werking moet zijn.
- Het college heeft met de raad afgesproken periodiek over de voortgang van de jeugdhulp in Zaanstad te rapporteren via een voortgangsrapportage met een frequentie van tweemaal per jaar. De rapportages worden ter kennisname aangeboden. Met deze rapportage wordt een van de aanbevelingen van het rekenkameronderzoek Jeugdhulp in Zaanstad opgevolgd. In de voortgangsrapportage staat een update de aantallen jeugdigen in de jeugdhulp, de kostenontwikkeling, de besparende maatregelen en de lopende trajecten rondom jeugd. De volgende voortgangsrapportage stuurt het college in het 4de kwartaal 2026 aan de raad.
- In het eerst kwartaal 2026 informeerde het college de raad over de voortgang van de samenvoeging van het Jeugdteam en Sociale Wijkteam naar Werken in de Wijk per 1 januari 2027, zie raadsinformatiebrief.
Risicoprofiel
Het risicoprofiel is hoog. Het maatschappelijk belang is groot, het gaat om kwetsbare kinderen. De financiële bijdrage van de gemeente is aanzienlijk.
Financiële positie
Jaarrekening 2025
De belangrijkste activiteiten van Jeugdteam Zaanstad in 2025 waren gericht op het versterken van de basis, het verbeteren van samenwerking, het toegankelijk houden van jeugdhulp, gezinsgericht werken, veiligheid, samenwerking met huisartsen en scholen, goed werkgeverschap en het verder professionaliseren van de organisatie. Deze activiteiten zijn concreet gemaakt door nieuwe werkwijzen, uitbreiding van succesvolle pilots en het investeren in medewerkers en samenwerking met partners.
De jaarrekening van Stichting Jeugdteam is over 2025 uitgekomen op een financieel overschot van € 368.000. De belangrijkste reden hiervoor is de lagere personeelskosten door niet ingevulde vacatures in de eerste helft van 2025. Het resultaat is toegevoegd aan de algemene reserve.
De algemene reserve bedraagt per 31 december 2025 € 1.100.000. Volgens de afspraken met de gemeente mag het eigen vermogen maximaal 10% van de begroting van het volgende jaar zijn (voor 2026: maximaal € 1.280.000). Het Jeugdteam voldoet hiermee aan de gestelde eisen.
Begroting 2026
De Begroting 2027 wordt in het najaar van 2026 vastgesteld. Uitgangspunt voor deze begroting is de begroting van 2026. Deze wordt vermeerderd met de afgesproken indexatie op basis van de Overheidsbijdrage in de Arbeidsontwikkeling (OVA). De begroting 2026 kent geen grote veranderingen ten opzichte van de begroting en jaarrekening 2025 (plus indexatie).
Risico's en beheermaatregelen
- Rechtmatigheid:
Stichting Jeugdteam Zaanstad kwalificeert als aanbestedende dienst. Bij inkopen door een aanbestedende dienst boven een bepaalde grens is Europees aanbesteden verplicht. Als de stichting zich daar niet aan houdt, werkt dit door als een onrechtmatigheid in de jaarrekening van de gemeente Zaanstad. Dit was bij de jaarrekening 2024 het geval.
- Vanuit het risk control raamwerk opgesteld door KPMG zijn de belangrijkste risico’s een hoge werkdruk, het behouden en aantrekken van personeel en op het doelmatig en rechtmatig besteden van financiële middelen.
- Een belangrijke vervolgstap is het gezamenlijk met de stichting opstellen van een plan waarin risico's worden geprioriteerd en een roadmap wordt gecreëerd om mitigerende maatregelen te introduceren, evalueren en implementeren.
- In de begroting van Zaanstad zijn geen financiële risico’s opgenomen voor de stichting.
Beheersmaatregelen
- Rechtmatigheid: De gemeente is in overleg met Stichting Jeugdteam over het aanleveren van tussentijdse informatie over de gedane inkopen en de mogelijke financiële onrechtmatigheden daarvan. Ook is geadviseerd om de inhuurprocedure aan te passen om onrechtmatigheden op dit proces te voorkomen. Het Jeugdteam heeft deze adviezen overgenomen.
- Bij de Stichting worden verbijzonderde interne controles uitgevoerd. Aandachtspunten zijn welke gegevens vanuit privacyoogpunt in het dossier mogen worden opgenomen en hoe de prestatielevering op alle dossiers goed kan worden aangetoond.
- Het zaaksysteem Mens Centraal wordt opnieuw ingericht zodat aan alle registratie- en privacy eisen kan worden voldaan.
- Het vinden en behouden van goed gekwalificeerd personeel blijft een uitdaging. Trajecten kennen veelal een langere doorlooptijd. Vanuit stabiele continuïteit van zorglevering door dezelfde begeleider leidt dit tot een toename van wachtlijsten.
- Door de inrichting van de overlegstructuur tussen de stichting en de gemeente is tijdige bijsturing op FTE’s en kosten mogelijk.
- Zaanstad onderhoudt goed contact met directeur.
- Overig
Stichting Sportbedrijf Zaanstad
(Bedragen x €1.000)Stichting Sportbedrijf ZaanstadRechtsvorm:Stichting
geen bestuurlijke deelname
quasi inbesteding
Oprichtings-/publicatiedatum:01-01-2015Vestigingsplaats:ZaandamToezichtsregime:middelOpenbaar belangHet Sportbedrijf is verantwoordelijk voor de exploitatie van sporthallen, gymzalen en zwembaden en de uitvoering van sportstimuleringsactiviteiten en de impuls onderwijs, sport en cultuur. De opdracht van de gemeente Zaanstad aan het Sportbedrijf is vastgelegd in een exploitatieovereenkomst.
Bestuurlijk belangDe leden van de Raad van Toezicht worden door het College van burgemeester en wethouders van de gemeente Zaanstad benoemd, geschorst en ontslagen.
Stemverhouding: nvtActualiteiten en risico'sOntwikkelingen
De huidige exploitatieovereenkomst loopt 5 jaar, van 1 januari 2025 tot en met 31 december 2029.
De SPUK Sport blijft bestaan tijdens de lopende exploitatie, maar de vergoeding voor investeringen schatten we 25% lager in ten opzichte van de gemaakte kosten. Het Rijk loopt achter met de definitieve toekenningen. De SPUK Sport bijdrage 2024 is op moment van schrijven nog niet bekend.
De begroting 2027 voorziet een tekort van € 125.000. Het Sportbedrijf kan dit dekken uit de reserves. Kostenbesparingen zijn noodzakelijk en worden doorgevoerd omdat de indexering van de exploitatie al sinds meerdere jaren onvoldoende is om de stijging van lonen en kosten te dekken.
Financiën
De Gemeente stelt jaarlijks een budget ter beschikking aan de Stichting ten behoeve van de exploitatie van de accommodaties en de uitvoering van de activiteiten (Exploitatiebijdrage). Jaarlijks stelt de stichting de begroting op voor het komende jaar binnen dit kader en legt deze voor ter goedkeuring aan de gemeente.
Jaarrekening 2025
Het resultaat van de jaarrekening 2025 is voor toevoeging aan de reserves € 13.004 en na toevoeging aan de reserves € 118.720. .De reserve “nog te besteden exploitatie Sportbedrijf” stijgt na de bestemmingen van ruim € 1.1miljoen naar ruim € 1,2 miljoen.[
De afrekening over de afgelopen 5 jaren komt daarmee uit op € 0. Zaanstad ontvangt geen geld terug, maar hoeft ook niet bij te betalen.
Begroting 2027
De exploitatiebijdrage wordt verhoogd met de 2,1% prijsindex die gemeente Zaanstad in de begroting 2027 heeft gehanteerd. De CAO stijging van 4,5% die verwacht wordt met ingang van 1 januari 2027 is in de begroting verwerkt. De exploitatiebijdrage komt daarmee uit op € 5.954.920,- exclusief btw en het begrote tekort op € 125.000.
Doordat de prijsindexering die de gemeente toepast fors lager is dan de stijging van de loonkosten en met name de energielasten, wordt het voor Sportbedrijf lastig om een positieve exploitatie te realiseren. Het Sportbedrijf heeft nu een meerjarenbegroting opgesteld voor de jaren 2025 tot en met 2029, waarbij vanaf 2029 pas weer sprake zal zijn van een sluitende begroting. Daarnaast is in deze meerjarenplanning een belangrijk voorbehoud opgenomen ten aanzien van de vergoeding via de BTW SPUK. Doordat deze regeling gewijzigd is, bestaat de kans dat de definitieve uitkering lager is dan waar nu rekening mee gehouden wordt. De voorziene tekorten kunnen enige tijd door het Sportbedrijf zelf opgevangen worden, door inzet van de reserve “nog te besteden exploitatie Sportbedrijf”. Hoe dit doorwerkt op de lange termijn is beperkt in te schatten.
Risico’s en beheersmaatregelen
Zwembadcapaciteit wordt niet volledig benut
Er is landelijk sprake van een groeiend tekort aan zwemdocenten, waardoor op veel plaatsen geen gebruik gemaakt kan worden van de volledige zwembadcapaciteit. Met als gevolg dat de inkomsten onder druk staan en de wachtlijsten toenemen. Dit is ook een risico voor Stichting Sportbedrijf Zaanstad. In 2025 heeft het Sportbedrijf de roosters in kunnen vullen waardoor dit risico niet is opgetreden. Het blijft echter een aandachtspunt.
Vertraging oplevering nieuw zwembad De Slag
Het huidige zwembad De Slag is verouderd. Als de oplevering van het nieuwe zwembad vertraagt, moeten we langer gebruik maken van het huidige zwembad. Dit leidt tot extra onderhoudskosten omdat het pand in verouderde staat is
Stijgende loonkosten en energielasten
De indexering van de gemeente Zaanstad is lager dan de werkelijke stijging van de loonkomsten en energielasten. Het Sportbedrijf kan dit nu nog opvangen, maar dit wordt steeds moeilijker.